Geertrude blogt

Menu
  • Contact
  • Over mij
  • Privacy
Menu

Auteur: Geertrude Verweij

Onbreekbaar

Geplaatst op 31/08/202405/12/2024 door Geertrude Verweij

Ik ben net zo’n onbreekbare geodriehoek. Dat bedacht ik vanochtend.
Ik heb geen idee of die dingen nog bestaan, maar in mijn schooltijd (sprak oma) had je gewone geodriehoeken en onbreekbare. Helaas gingen die onbreekbare ook geen jaren mee. Die dingen waren namelijk flexibel en als je iets maar vaak genoeg buigt op dezelfde plek breekt het uiteindelijk toch. En dus werden er tijdens saaie wiskundelessen heel wat onbreekbare geodriehoeken gebroken.

Ik mag mezelf er graag op voor laten staan dat ik erg flexibel ben. Nieuwe plannen, onverwachte ontwikkelingen? Geen probleem, ik pas me wel aan. Dat was erg handig toen we nog drie kinderen thuis hadden en dat is nog steeds handig omdat het leven nu eenmaal vol zit met onverwachte wendingen. Ik haal gewoon diep adem en pas me aan.
Maar stiekem ben ik niet zo flexibel als ik graag zou willen zijn. Dan buig ik wel mee, maar als ik te vaak buig, breekt er iets. Soms mentaal, maar ook vaak lichamelijk. Want dat heeft allemaal met elkaar te maken.
En dus kan ik uren in de tuin met een pikhouweel aan de gang zijn, stenen versjouwen en besluiten dat ik best wel even in mijn eentje iets zwaars kan verplaatsen, maar geeft mijn rug het vaak zomaar ineens op als ik eigenlijk helemaal niets bijzonders doe. En dat is heel irritant.

Na ons onverwachte vertrek naar Nederland en wat rust om bij te komen van de hitte en de jetlag, was ik eindelijk zo ver dat ik eens iets wilde gaan doen.
Ik ben drie jaar na aankoop nog steeds aan het reorganiseren en opruimen in ons vakantiehuisje. In eerste instantie moesten we nogal wat spullen van de vorige eigenaars uitzoeken en wegdoen. Ik ben geen echte minimalist, maar zij waren het tegenovergestelde. Zo. Veel. Spullen.
En toen ik daar eindelijk een beetje doorheen was, verhuisde mijn vader naar een verpleeghuis. Ik was streng voor mezelf, maar er zijn toch wel wat dingen in het huisje terechtgekomen, omdat ik het niet over mijn hart kon verkrijgen om ze weg te doen. Ingelijste foto’s bijvoorbeeld. En aangezien ik door het verwijderen van decoratie die niet mijn smaak was toch wat lege spijkers in de muur had…

Maar ik vind het nog steeds te vol hier. En eigenlijk vind ik het niet prettig om persoonlijke foto’s in aan de muur te hebben hangen. Het is tenslotte een vakantiehuisje. Op dit moment gebruiken alleen wij het, maar toch.
Tijdens een bezoekje aan Ikea kocht ik twee ingelijste botanische platen. Die wilde ik ophangen waar de spiegel hing, dan de spiegel terughangen waar hij eerst hing, vier persoonlijke foto’s weghalen en wat andere dingen reorganiseren. En als ik dan toch bezig was, meteen even wat spinrag weghalen en wat randjes afstoffen. Je kent het wel, gewoon een beetje lekker rommelen in huis.

Er waren wat onverwachte wendingen, de afgelopen paar dagen. Ik haalde eens diep adem en paste me aan. Het was nu eenmaal niet anders. Ik moest flexibel zijn. Maar toen ik -eindelijk- eens aan de gang wilde met die platen en foto’s verschoof er iets in mijn rug.

En toen bedacht ik dus dat ik net zo’n onbreekbare geodriehoek was. Die was trouwens meestal nog best te gebruiken ondanks het afgebroken hoekje. Net zoals ik uiteindelijk, met heel vaak uitrusten en voorzichtig bewegen tóch nog wat in huis deed.

Maar het moet wel even afgelopen zijn met dat buigen, want anders breekt er echt te veel af…

foto van wikipedia

Onverwacht

Geplaatst op 23/08/202405/12/2024 door Geertrude Verweij

Na zes jaar heen en weer reizen tussen Curaçao en Nederland ben ik wel wat gewend. En sinds we een eigen vakantiehuisje in Nederland hebben, is het helemaal gemakkelijk. We hebben daar alles wat we nodig hebben, dus het enige wat we nog moeten inpakken zijn onze laptops, mijn camera en e-reader en onze telefoons. De afgelopen twee jaar hadden we zelfs een eigen autootje bij het huisje staan, dus ik hoefde alleen maar een taxi te bestellen. Helaas is het autootje inmiddels naar de sloop, maar een huurauto bestellen is ook zo lastig niet. (Dacht ik, viel tegen, maar ik zal jullie mijn gezeur daarover besparen.)
Ook het achterlaten van het Curaçaose huis is routine. De tuin is en blijft een probleem, maar het huis laat ik meestal wel aardig schoon en opgeruimd achter. Daar werk ik dan de laatste week voor we weggaan naar toe. Zoals ik al zei, na zes jaar ben ik het wel gewend.

Maar nu kwam het wel erg onverwacht. Donderdagmiddag om twee uur zei ik nog tegen mijn vader dat we nu eenmaal niet weg konden en dat we dus maar moesten leren omgaan met de hitte. Om vier uur besloot echtgenoot dat hij het toch echt te warm vond om zijn werk te kunnen doen en boekte hij terplekke tickets voor de maandag erna. Zo hadden we dus drie dagen om ons voor te bereiden. Of eigenlijk drie ochtenden, want na elf uur ’s ochtends is het te warm om nog echt veel te doen.

Maar het lukte. Min of meer tenminste. Ik ben al een tijdje ziek door de extreme warmte, dus echt goed schoonmaken is er al weken niet bij. Maar het bed is verschoond, de was is bij, de badkamers zijn met de Franse slag gedaan en de vloeren gedweild. De planten hebben een flinke scheut water gehad en de buitenplanten zijn naar binnen verhuisd of in ieder geval uit de zon. De rest komt wel als we terug zijn en het hopelijk koeler is.

En nu zit ik op de Veluwe bij te komen van een zeer korte nacht in het vliegtuig en de bijbehorende jetlag. En van die extreme hitte dus. Ik draag een trui en sloffen en ik heb het nog steeds koud. Zoals altijd als we hier zijn. Normaal gesproken mopper ik daar wel een beetje over. We zijn tenslotte mede vanwege het weer verhuisd naar de tropen.

Maar op dit moment vind ik het heerlijk.

eigen foto

IJs

Geplaatst op 16/08/202405/12/2024 door Geertrude Verweij

Als ik boodschappen doe, haal ik bij de eerste supermarkt op mijn rondje altijd ijs voor de koelbox. Voor een paar gulden heb je een grote zak vol ijsblokjes.
Toen we hier net kwamen, vond ik het maar vreemd. Je zag die zakken overal, maar ik begreep niet waarom je ze zou willen kopen. Zoveel ijsblokjes gebruikt een mens nou ook weer niet, zelfs niet als je al je glazen water op die manier koelt.

Toen we regelmatig met een groep Amerikanen naar het strand gingen, leerde ik dat je die zakken gewoon leeggooide in een koelbox en dat je op die manier je bier bijna de hele dag koud kon houden. Werkt stukken beter dan dat gedoe met die kleine koelelementen.
Voor de boodschappen gebruik ik een aangepaste methode: ik laat de blokjes in de zak zitten en stapel de boodschappen eromheen. Als ik dan thuiskom, zijn de ijsblokjes nog maar nauwelijks gesmolten en kan ik de zak in de vriezer leggen om te gebruiken voor onze drankjes. Wat we in de praktijk erg weinig doen. Water, bier en frisdrank uit de koelkast is koel genoeg. Ik drink zelfs vaak water gewoon uit de kraan. Lauw dus.

Echtgenoot vindt dat vreemd, maar een paar maanden geleden hadden we een financieel adviseur op bezoek die het ook deed.
Wij zijn nog steeds zo Nederlands dat we iedereen die bij ons komt koffie aanbieden. Hij kwam ook uit Nederland, maar hij wilde graag water. Uit de kraan, zonder ijs. “Ik woon hier al heel lang,” verklaarde hij die voorkeur. Ik ben dus niet vreemd, maar gewoon goed ingeburgerd.

In de praktijk doe ik vier keer per maand boodschappen, maar we gebruiken maximaal één zak ijsklontjes per maand. Als we het halen. De restanten gooi ik in het zwembad. Dan is dat water tenminste niet verspild.

Het zwembad koelt er niet van af.
Gelukkig, zeiden we in januari, toen het zwembad regelmatig maar een graad of 27 was en we het vaak te koud vonden om te zwemmen.
Helaas, zeggen we nu.

We zitten weer in de warmste periode van het jaar. En dit jaar is het warmer dan ooit, vanwege het zonnemaximum en El Niño. Overdag tikken we regelmatig de 35 graden aan en ’s nachts wordt het niet kouder dan 27,5 graad. Het zwembad koelt dus nauwelijks meer af en blijft tussen de 32 en de 34 graden (ter referentie: voor babyzwemmen wordt het zwembadwater opgewarmd naar 30 tot 32 graden).
Wij koelen dus ook nauwelijks meer af. Er komt geen lauw, maar warm water uit de kraan en we drinken nu allebei water met ijs. Er gaat minstens een zak per week doorheen.

En stiekem vragen we ons af hoeveel zakken we nodig hebben om dat zwembad op de 28 graden te krijgen…

(later toegevoegd: echtgenoot heeft het uitgerekend; ongeveer 5 kuub zou genoeg moeten zijn, dat is dus ruim 1000 zakken van 4,5 liter)

Foto door cottonbro studio

Tweedehandsboeken en een oproepje

Geplaatst op 31/01/202405/12/2024 door Geertrude Verweij

Voor ik jullie mijn nieuwe aanwinsten laat zien even dit: als schrijver zou ik eigenlijk moeten oproepen om tweedehandsboeken links te laten liggen en vooral nieuwe boeken te kopen of ze te lenen van een officiële bibliotheek (of streamingdienst als het om e-books of luisterboeken gaat). Dat is namelijk de manier waarop een schrijver geld verdient; we krijgen een (klein) percentage van de verkoopprijs en/of een (heel klein) bedrag per uitlening. Voor boeken die tweedehands verkocht worden of geruild tussen kennissen en via minibiebs krijgen we niets. En dat is, zeker voor de iets minder bekende Nederlandstalige schrijvers, toch wel jammer, want zoveel verdienen we al niet per boek.

Maar…
Als lezer snap ik het volkomen. Nieuwe boeken zijn duur, bibliotheekvestigingen verdwijnen of hebben steeds kleinere collecties, en ik heb niet altijd zin in mijn e-reader. Dus snuffel ik regelmatig in de kringloop en de boekenkast bij de supermarkt naar leuke, betaalbare of zelfs gratis boeken.

De boekenkast in de supermarkt is meestal goed voor maximaal twee boeken tegelijk, maar ik had een goede dag. Zeven boeken vond ik.

    The Catch trap van Marion Zimmer Bradley (Ik ken deze schrijster vooral van de Avalonboeken. De meeste van haar boeken hebben een historische, religieuze, paranormale en/of fantasy insteek, maar dit boek gaat over een circusfamilie in de jaren ’40. Oké. dat is ook historisch, maar een stuk minder lang geleden dan de Avalonboeken. Ik ben benieuwd.)
    The Fall of Atlantis van Marion Zimmer Bradley (Deze past meer bij de boeken die ik van haar ken, maar ik ken hem nog niet.)
    Little Farm in the Ozarks van Roger MacBride (Ik ben dol op de boeken van Laura Ingalls Wilder. Dit boek (en de rest van deze serie) is geschreven vanuit Laura’s dochter Rose.)
    Heel je lichaam van Louise Hay (Tja… ik ben altijd nieuwsgierig naar dit soort dingen en het was toch gratis.)
    Discovery of Witches van Deborah Harkness (Ik hou van fantasyboeken die zich afspelen in onze wereld (het subgenre met heksen, vampiers etc.))
    Redding in de ruimte van W.J. Verbeeten (Dit boek kocht ik voor echtgenoot. Het leek me het soort boek dat hij als jongetje las. En dat bleek te kloppen.)
    Een engelstalig boek over tropische tuinplanten dat ik vergeten ben op de foto te zetten. (Dat ik die meenam spreekt voor zich toch?)

Een vreemde verzameling, maar dat vind ik juist zo leuk aan snuffelen tussen tweedehandsboeken. Ik vind ineens boeken die ik niet specifiek opgezocht en dus ook nooit gevonden zou hebben. Ik zag bij het toevoegen van de links bijvoorbeeld dat The Fall of Atlantis ook gewoon via Kobo Plus te lezen is.

Kopen jullie nieuwe of tweedehandsboeken? Of snuffelen jullie net als ik in de bonte verzamelingen bij kringloopwinkels en minibiebs? En ik ben ook benieuwd naar wat jullie daar dan uitvissen…

En nu we het toch over tweedehandsboeken hebben…

Ik kreeg een mailtje van een lezer, of eigenlijk van haar dochter.

Ik ben voor mijn moeder al een hele poos op zoek naar het boek Thuisgekomen. Zij heeft dit al ontzettend lang op haar verlanglijstje staan, maar waar we ook zoeken, we kunnen er nergens meer aankomen. Ik zou mijn moeder heel gelukkig willen maken met dit boek. Is er nog ergens een manier om aan dit boek te komen? Tweedehands is ook geen probleem. Ik kan alleen een e-book of grootletterversie vinden en dat is nu net weer geen optie. Ik hoop zo ontzettend dat u mij nog kunt helpen!

Helaas kan ik haar ook niet helpen. Toen we emigreerden naar Curaçao heb ik alle extra exemplaren van mijn boeken weggegeven. Mijn uitgever heeft ook geen voorraad meer. Dus beloofde ik haar een oproepje te doen op mijn blog.
Bij deze dus: heb jij een exemplaar van Thuisgekomen (de normale paperbackversie) en wil je er afstand van doen? Stuur mij dan een mailtje, zodat ik jullie in contact kan brengen.

 eigen foto’s

p.s. later toegevoegd: als je dit soort posts leuk vindt, zou je eens op mijn leesblog kunnen kijken. Daar bespreek ik boeken die ik gelezen heb en schrijf ik over boeken (o.a. boeken die ik koop) en lezen in het algemeen.

Gedoe met katten

Geplaatst op 01/12/202307/12/2024 door Geertrude Verweij

Hoewel we allebei ook van honden houden, zijn we echte kattenmensen. Honden zijn leuk bij anderen, maar zelf hebben we ze nooit gehad. Katten daarentegen zijn al heel lang altijd onderdeel van ons gezin geweest. De allereerste (James Bont heette hij) kwam bij ons wonen toen onze jongste een jaar oud was (bijna dertig jaar geleden!). Daarna hebben we nooit lang zonder kat geleefd (achtereenvolgens Poekie, Stripe, Spook, Co, Beest en Poes – ja, ik weet het, rare namen).

Op dit moment “hebben” we vier katten. Ik schrijf hebben tussen aanhalingstekens omdat het eigenlijk wilde katten zijn die bij ons komen eten en soms zelfs aangehaald willen worden. Jul is met zijn tweeënhalf jaar de oudste. Verder hebben we drie jonge katten van dezelfde moeder als Jul en zijn broertje Jut (die helaas maar vier maanden oud geworden is), maar met een andere vader. Deze dame en heren zijn begin april geboren en het was dus de hoogste tijd een paar onderdelen te laten verwijderen.

Dat is tegenwoordig nu eenmaal een soort burgerplicht en Jul is dan ook netjes gecastreerd. We hebben op dit eiland een overschot aan ondervoede katten, al valt dat bij ons in de buurt wel mee. Behalve die-van-ons lopen er af en toe nog een paar katers rond (alleen als we een krolse poes hebben), maar die zijn stuk voor stuk goed doorvoed. Toch is het belangrijk om te zorgen dat het dan zo blijft.

Bovendien hebben we de moeder van ons stel zien wegteren omdat ze voortdurend nestjes kreeg. Alleen deze vier katjes hebben het overleefd en Kleintje was nog geen drie jaar oud toen ze stierf. Zo sneu.
Waarom we haar dan niet hebben laten steriliseren? Omdat zij, in tegenstelling tot haar oudste zoon, echt een wilde kat was. We mochten haar aaien tijdens het eten, maar verder niet. Toen echtgenoot probeerde haar in het reismandje te stoppen, raakte ze volledig in paniek. Hij had haar in haar nekvel, maar ze draaide zich om en beet zo hard in zijn hand dat hij die drie dagen niet heeft kunnen gebruiken en het duurde vier dagen voor ze weer bij ons durfde te eten. Toen hebben we het idee om Kleintje naar de dierenarts te brengen maar opgegeven, met alle nare gevolgen vandien.

Voor Vlekkie (het enige poesje van de drie kittens– op de foto’s is te zien waarom we haar zo noemen) wilden we een beter leven, maar ook zij laat zich niet echt aanhalen, in tegenstelling tot haar broertjes, die zelfs op schoot komen liggen. En voor die broertjes wilden we dan weer liever niet dat ze heel sterke territoriumdrang zouden krijgen zodat ze elkaar – of Jul – zouden proberen weg te jagen. Maar ook zij zijn niet zo van het oppakken.

Een paar weken geleden zag ik de mensen van Kitten Rescue Curaçao op het parkeerterrein bij de supermarkt staan. Ik weet dat zij regelmatig sterilisatieacties houden, maar ik zat nog steeds met het probleem dat ik vooral Vlekkie niet kan vangen. De andere katers liepen alweer rond ons huis en dat beloofde niet veel goeds. Dus besloot ik in een opwelling eens te gaan vragen of ze daar een oplossing voor hadden. Die hadden ze. Heel simpel. Ik kon een vangkooi lenen.

En dat werkte. Haarbal (tja… we wilden ons in eerste instantie niet aan die beestjes hechten en dit was een bijnaam om toch onderscheid te maken) liet zich gemakkelijk met een sardientje de vangkooi in lokken en het lukte zowaar ook om hem daarna naar de reismand over te laten lopen. Zwartje (Die Andere Zwarte – afgekort Zwartje) had dat ding niet nodig, die was nieuwsgierig en wandelde zo de reiskooi in. Ik was snel genoeg om het deurtje dicht te doen voor hij doorhad wat hij gedaan had.

Vlekkie was – natuurlijk – de lastigste. En de slimste. Ze probeerde eerst het sardientje van buitenaf te pakken te krijgen. Maar uiteindelijk was de verleiding toch te groot en ging ze naar binnen, waarna het luikje dichtklapte (dat ging automatisch zodra ze achterin gewicht op een bepaald stukje zette). Gelukt!
Natuurlijk vond ik het zielig en natuurlijk was ik bang dat ze daarna niets meer met ons te maken wilden hebben. Of in ieder geval niet met mij. Want ik ben degene die met ze heen en weer gereden is en die ze bij de dierenarts achtergelaten heeft. Maar we zijn nu drie dagen verder en alles gaat prima. De broertjes komen weer gezellig op schoot en Vlekkie scharrelt om ons heen tot er een hand te dichtbij komt. Het lijkt er zelfs op dat ze langzaam minder bang begint te worden.

We hoeven ons dus geen zorgen meer te maken over nestjes of vechtpartijen.
Dat was me die vier keer (kooi halen, katten brengen, katten halen, reiskooi terugbrengen) twintig minuten heen en weer rijden (dus ruim tweeënhalf uur totaal) wel waard!

 

Lekker bezig

Geplaatst op 10/10/202307/12/2024 door Geertrude Verweij

 Gisteren heb ik heerlijk het huishouden gedaan. Natuurlijk doe ik dat altijd wel, maar er zit verschil tussen “met tegenzin het hoognodige doen” en “lekker bezig zijn”.

De afgelopen weken waren niet bepaald productief. Zei ik de vorige keer nog optimistisch dat ik weer een beetje mens begon te worden na een zware jetlag? Nou, dat had ik verkeerd gedacht. Griep, extreme luchtvochtigheid en daarna onweersbuien en regen zorgden nou niet bepaald voor een goede basis om hard aan de slag te gaan in huis of tuin en nadenken lukte ook al niet echt. Maar het lijkt nu echt goed te komen. Of heb ik het ongeluk zojuist weer over me afgeroepen?

Nah, daar geloof ik niet in. De week begon in ieder geval goed.
Ik heb min of meer een maandagroutine, gebaseerd op Flylady’s Home Blessing, maar de laatste tijd kwam daar niet veel van. Ik deed maar zo’n beetje wat nodig was, maar als het even kon ook echt niet meer. Nu begon ik met het hoognodige, maar ging daarna fluitend verder met de rest. Ik begon met de slaapkamer. Vanwege echtgenoots longen is het belangrijk ik daar wekelijks het bed verschoon, het filter van de airco stofvrij maak, het bed afstof en de vloeren zuig en dweil. Nu denk je misschien: en de rest van de meubels? Die hebben we niet. Er staat letterlijk alleen een bed. Dat scheelt enorm in schuilplaatsen voor muggen, kakkerlakken en schorpioenen. De rest van het huis is gezellig ingericht, maar in de slaapkamer wil ik me vooral veilig voelen.

Maar goed. Ik ging de lakens in de was doen en bedacht dat ik badkamer waar de wasmachine staat nog schoon moest maken. En toen ik daarmee klaar was, besloot ik dat ik ook graag de keukenvloer wilde dweilen, maar daar stonden nog tassen met boodschappen die opgeruimd moesten worden (ik zei het toch? niet productief). Dus dat heb ik maar even eerst gedaan (en eigenlijk was het natuurlijk een klusje van niets). Daarna geveegd. Gang ook maar meteen meegenomen en ach, als ik dan toch bezig ben meteen de huiskamer ook maar. Dweil overal doorheen. Helemaal trots op mezelf aan de lunch.

En toen we klaar waren met eten, vond ik de porch bij de voordeur zo rommelig. Ook maar even opgeruimd, geveegd, matten schoongeborsteld, en gedweild. Toen was ik wel zo’n beetje aan mijn eind (want nog niet helemaal hersteld), maar dat gaf niet. Ik had ondertussen pastasaus in de slowcooker gegooid, dus ik hoefde niet veel meer te doen. Maar ik vouwde nog wel even een wasje, ruimde wat rondslingerende rommel op en… Je kent het wel. Gewoon lekker bezig.

Vandaag startte ik mijn dag in de tuin. Want na die regenbuien groeide daar wel wat meer dan de bedoeling was. Ik gooide anderhalve kruiwagen vol onkruid, snoeide een tak van de flamboyan die al drie maanden op de grond hangt en moest mezelf toen vertellen dat het tijd was om te stoppen. Ik had heel graag verder gegaan, maar ik begin verstandig te worden. Meestal voel ik altijd pas dat ik had moeten stoppen als het te laat is, en dan heb ik weer dagen nodig om te herstellen.

Toch had ik nog wat energie over. De was begon net te centrifugeren en daar wilde ik in ieder geval even op wachten. Hoe eerder het hangt, hoe eerder het droog is. Mijn streven is altijd om de waslijn leeg te hebben voor het avondeten, maar de laatste tijd… Nou ja. Dat is wel duidelijk inmiddels. Terwijl ik wachtte, rommelde ik wat in de keuken. Ik had een doosje verse takjes salie gekocht toen ik vorige week boodschappen deed, en het was hoog tijd om daar wat mee te doen. Dus selecteerde ik de langere stengels, knipte die af onder een bladknobbel en zette ze in een vaasje water, in de hoop dat ze willen wortelen. Dat is me één keer gelukt, maar die plant is helaas dood gegaan. De laatste paar pogingen zijn mislukt, maar ik blijf het toch proberen.

De rest legde ik op een doek om te drogen. Toen besloot ik salie op te zoeken in mijn kruidenboeken. Het is een zeer bekend kruid, dus er was nogal wat informatie. Het lastigste vind ik om al die informatie samen te voegen tot iets wat voor mij gemakkelijk te onthouden en/of na te zoeken is. Ik ben altijd op zoek naar video’s of blogs over het opbouwen van een “materica medica”, maar ik heb nog steeds geen methode gevonden die voor mij werkt. Maar ik heb wel zin om het weer te proberen en dat is fijn.
Ik hing de was op, bedacht dat ik mijn tuinhandschoenen buiten had laten liggen en besloot die nog even te gaan halen. Ik heb rubberen handschoenen (tegen stekels) en die worden er niet beter op als ze in de zon liggen. Maar ik vroeg me al een tijdje af de besora kora al bloeide (een inheemse plant waarvan ik de bloemen wil proberen te drogen voor de sier) en dus maakte ik een omweg door “het andere deel van de tuin”. Dat viel niet helemaal mee. Het paadje dat ik daar een half jaar geleden maakte, was alweer aardig overwoekert, maar het lukte. En ik kreeg meteen zin om daar ook aan de slag te gaan.

Uiteindelijk is het de bedoeling om dat deel van onze grond te bebouwen en/of te verkopen, maar voorlopig beschouw ik het nog als mijn tuin. Dit stuk (zo’n 900 vierkante meter) is totaal verwilderd, wat ik eigenlijk wel leuk vind. Maar ik weet inmiddels dat het verwijderen van doornstruiken ervoor zorgt dat andere planten een kans krijgen, dus dat wil ik daar ook doen. Ik kreeg er echt zin in, maar ik voelde toch ook wel dat ik die ochtend al een paar uur zwaar werk had gedaan, dus beloofde ik mezelf er binnenkort aan te beginnen.

Ik vond dat ik, nu ik zo lekker bezig was, ook wel eens een blogpostje kon proberen te schrijven en ging boven achter mijn bureau zitten. Maar het was inmiddels bijna lunchtijd. En dus liep ik na tien minuten typen maar weer naar beneden om de soep op te zetten. Na de lunch en de afwas ging ik eerst even buiten zitten om mijn derde en laatste kopje koffie van de dag te drinken. Meestal is dat het moment waarop ik afhaak, zeker als ik mezelf toesta om “even” op youtube te kijken. Ik voelde me al een beetje inkakken. Maar tot mijn verbazing zit ik nu toch weer achter mijn bureau. En het lijkt wel of ik bijna klaar ben met een blogpost. Als die af is, heb ik nog wat ideeën die ik uit wil werken, of in ieder geval op een rijtje wil zetten. En…

Ik wil maar zeggen: het is fijn om lekker bezig te zijn.

Een weekje Nederland

Geplaatst op 28/09/202307/12/2024 door Geertrude Verweij

Ik was echt van plan om regelmatig een stukje op mijn blog te plaatsen. Maar het liep weer eens anders.
We waren een weekje in Nederland. En dat was een beetje (ha!) drukker dan ik verwacht had.

Een week is eigenlijk belachelijk kort, zeker als je de ticketprijs in je achterhoofd houdt. Maar omdat dit toch een extra bezoekje was (wegens dringend onderhoud aan het vakantiehuisje) wilden eens uitproberen of het werkte. Want normaal gesproken gaan we drie weken, maar dan brengen we nog best veel tijd door in het vakantiehuisje, met z’n tweetjes. En dat is best leuk, maar we hebben een heel fijn eigen huis, waar we nog heel veel te doen hebben.

Eén weekje Nederland leek precies genoeg. Ik had alles heel netjes gepland. Zondag was onze aankomstdag. Die schrijven we altijd helemaal af; na een zo goed als slapeloze nacht in het vliegtuig en met een enorme jetlag zijn we nergens meer toe in staat. Hoewel… toen we vorig jaar halsoverkop naar Nederland vlogen omdat mijn vader er heel slecht aan toe was, hebben we direct na aankomst het halve land doorkruist om hem te bezoeken. Met een beetje adrenaline kun je een hoop. Maar aan te raden is het niet, dus normaal gesproken schrappen we de aankomstdag als mogelijke afspraakdag.

De dag na aankomst gaat het ’s ochtends altijd redelijk goed, maar halverwege de middag knappen we af. Niet echt geweldig voor familiebezoek dus, maar wel prima geschikt om boodschappen te doen en alvast de benodigde klusmaterialen te halen. De rest van de week was volgeboekt, maar met steeds maar één afspraak per dag, zodat we ook tijd hadden voor het huisje. Dinsdagavond naar M, woensdagochtend naar D, donderdagmiddag naar E en vrijdagochtend naar mijn vader. Zaterdagmiddag zouden alle kinderen bij ons komen en dan zondag weer naar huis. Waar we dan uitgerust aan zouden komen, want we hadden alles heerlijk ruim gepland. Prima bedacht toch?

Maandagmiddag leek alles heel soepel te gaan. Echtgenoot controleerde de gasleiding buiten en constateerde dat er toch echt geen lek was. Hij behandelde de leiding, zodat die niet kon gaan roesten en besloot daarna dat hij nog genoeg energie had om plankjes te maken voor het keukenkastje waar vroeger de geiser hing. Die hing daar niet meer, omdat we in mei centrale verwarming mét warm water geïnstalleerd hebben en ik kon die bergruimte goed gebruiken.

Ik was er dus blij mee en richtte de kast meteen in. Maar toen ik een half uur later thee wilde zetten en een beker uit die kast pakte, rook ik gas. Er bleek een lekkage te zitten in de originele aansluiting (dus niet in het deel dat echtgenoot had aangebracht) en om daarbij te kunnen, moest het kastje eraf. Het kastje bleek tijdens de bouw van buitenaf, maar voor de afwerking erop ging, vastgezet te zijn. Er moest een breekijzer aan te pas komen, maar die hadden we niet. Dus gebruikten we een hamer, een grote schroevendraaier en de decoupeerzaag. Die laatste schoot uit en raakte de waterleiding. En om die te kunnen repareren, moest een deel van de muurafwerking eraf.

Nou ja, om een toch al te lang verhaal niet nog langer te maken: we zijn de rest van de week, tussen de familiebezoekjes door, keihard bezig geweest om alles weer netjes af te werken en kwamen zondagavond dus uitgeput weer in ons eigen huis aan. Waarna de tweede jetlag extra hard toesloeg. Vandaag (donderdag) heb ik eindelijk het gevoel dat ik weer een beetje mens wordt (een mens dat stukjes kan schrijven zelfs).

Zoals ik in het begin al zei: dit weekje Nederland was een test. En de grote vraag is nu: doen we dit nog een keer? Het was wel heerlijk om zo snel weer thuis te zijn. Alle planten waren nog vrolijk en het huis was niet extreem stoffig of muf. Ik kan me – ondanks de vermoeidheid en de jetlags – van ieder bezoekje en alle gesprekken nog heel wat details herinneren. Dat heb ik wel eens anders meegemaakt. En we hebben intens genoten van onze kleinzoon. Dat hij besloot dat ons bezoekje een leuk moment was om voor het eerst te zwaaien, was een leuke bonus. Dus dat zit allemaal wel goed.

Misschien gaan we volgend jaar nog een weekje Nederland proberen. Maar dan zonder gaslek of andere dringende klussen.

Retail therapy bij de kringloopwinkel

Geplaatst op 12/09/202307/12/2024 door Geertrude Verweij

Een van de dingen waar ik vrolijk van word, is winkelen bij een kringloopwinkel. Ik denk dat het de combinatie is van “retail therapy” en het gevoel dat het mág, omdat alles zo goedkoop is. Meer dan drie decennia geleden (oef, dat klinkt heel dramatisch lang geleden), vlak voor en na ons huwelijk, was het een noodzaak. Veel geld hadden we niet, dus spaarden we ons servies en onze meubels bij elkaar op rommelmarkten en in de schaarse kringloopwinkels die er destijds waren.
Later ging het me vooral om de boeken en “leuke dingen”, hoewel meubelstukken, breigaren en lappen stof ook regelmatig hun weg naar mijn huis vonden.

Hier op Curaçao is het kringloopgebeuren een stuk minder populair dan in Nederland (en de VS, als ik internet mag geloven). Dat komt, denk ik, vooral doordat veel mensen minder geld hebben en dus hun spullen gebruiken tot ze letterlijk uit elkaar vallen. Je ziet hier doorgezakte banken op de porch staan (want met een plank onder de – tot op de draad versleten – kussens is hij heus nog wel bruikbaar om buiten te zitten) en stoelen met drie poten of zonder leuning bij het hek of bij de bushalte (want daar kun je ook nog prima op zitten als je even moet wachten).

Er zijn echter wel een paar kringloopwinkels. En natuurlijk weet ik die allemaal te vinden. Nou ja, op eentje na. Die zit aan een weg die wij liever mijden. Het is daar altijd druk en er is heel veel verkeer dat erop en eraf wil bij de vele winkels en snèks. Ik weet dat die kringloopwinkel daar ergens zit, maar meestal zie ik hem gewoon niet, omdat er te veel gebeurt in het verkeer waar ik op moet letten. De andere winkels weet ik daarentegen feilloos te vinden en één daarvan ligt -min of meer, je moet dat een beetje ruim nemen- op mijn route als ik boodschappen ga doen.
Bij die kringloopwinkel wip ik dus regelmatig binnen. Het is eigenlijk grappig, want ze verkopen vooral oude rommel. Je moet echt goed zoeken om iets leuks te vinden. Maar toch ga ik er nooit met lege handen weg en een groot deel van de decoratie in ons huis komt bij die winkel vandaan (bij de emigratie hebben we maar weinig meegenomen).

De oogst deze keer: een asbak (ja, ik weet het – maar hij is wel mooi), een tegeltje met een tekst die me erg aanspreekt en me bovendien herinnert aan mijn grootouders die hetzelfde tegeltje hadden, een boek over psychologie (een van mijn interesses), een mok met het ooit zo hippe “keep calm” erop (had ik geen geld voor toen het zo’n rage was, maar nu ben ik er alsnog blij mee), een grappig schoteltje voor mijn ontbijt van twee gekookte eitjes (ja, ik gebruik hem echt, al een week), een schaaltje in de vorm van een appel (ik heb een zwak voor glas, maar ik heb verder geen idee wat ik ermee moet) en een prachtige houten doos, die er na een opknapbeurtje veel mooier uitziet dan op de foto.

Ik ben er blij mee!

Over foto’s, schrijven en perfectionisme

Geplaatst op 05/09/202307/12/2024 door Geertrude Verweij

 Tijdens ons wekelijkse telefoongesprek vraagt mijn vader regelmatig om foto’s van mijn tuin en ons huis. Maar het komt er nooit van om die te maken en te sturen. Het blijft bij een halfslachtige poging en het
valt altijd heel erg tegen.

Vooral wat de tuin betreft: als ik een foto maak van de bloeiende flamboyan, zie ik wat rode bloemen in een groene waas. In het echt is het zo’n onbeschrijflijk mooie boom, dat ik nog steeds niet kan geloven
dat ik die zelf heb opgekweekt uit een paar zaadjes. Hetzelfde geldt voor de rest van de tuin. Het is nooit zo netjes als ik zou willen, maar als ik er zelf rondloop, zie ik de kolibries, hoor ik de suikerdiefjes,
geniet ik van de bloemen en de manier waarop de zon door de bladeren valt en… nou ja, je snapt het wel. Dat kun je niet vastleggen op een foto. Ik niet, in ieder geval. Close-ups van bloemen en blaadjes, dát
kan ik. Maar overzichtsfoto’s vallen me altijd verschrikkelijk tegen.
Die worden nooit zo als ik ze in mijn hoofd had.

Toen ik hem dat probeerde uit te leggen, zei mijn vader: “Maar ik weet toch niet hoe het in het echt is? Ik wil gewoon zien hoe het eruit ziet.”
Hij had een punt. Een goed punt zelfs. Er zit een verschil tussen “mooie foto’s” en foto’s waar je iets op laat zien. Natuurlijk kan ik wel een beetje proberen een goede compositie te maken en een beetje
letten op contrast, belichting en scherpte/diepte is ook allemaal prima (fotograferen is was een hobby van me). Maar uiteindelijk hoef ik er geen fotowedstrijd mee te winnen.

Ik lag daar vannacht nog even over door te denken en besefte toen dat dit niet alleen voor foto’s van mijn tuin geldt, maar voor veel meer dingen. Alle soorten foto’s om te beginnen.

Foto’s van mijn huis maak ik ook zelden, want ik zie altijd van alles dat nog schoongemaakt, opgeruimd of aangepast moet worden. Maar ten eerste kun je daar best omheen fotograferen en ten tweede zie je dat soort details vaak niet eens op een foto. En eigenlijk zie ik zelf ook liever foto’s van een huis waarin geleefd wordt, dan foto’s van kamers die meer op een showroom lijken.

Foto’s van mezelf… met die verhitte kop en mijn haar dat nooit netjes zit? Bovendien heb ik niet bepaald een modellenfiguur. En ik ben ook nog steeds niet gewend aan mijn rimpels. Maar het is wel hoe ik eruit
zie.

Het gekke is dat ik het geweldig vind dat Nicole van Huisvlijt.com zo vaak zelfportretten gebruikt om haar artikelen te illustreren. Ik zou dat ook graag doen. Zoveel leuker en persoonlijker dan de foto’s die
ik bij Pexels download. Maar ja, die zijn wel heel mooi. Alleen zie je er niet bijzonder veel op.

Het is zelfs van toepassing op mijn schrijfwerk. De reden waarom ik steeds minder ben gaan schrijven de afgelopen jaren, is omdat ik niet meer – zoals vroeger – gewoon spontaan even ging zitten typen wat me
bezighield. Blogposts moesten ineens columns worden, die aan allerlei regeltjes moesten voldoen. Maar de meeste mensen die mijn blog lezen, willen gewoon weten wat ik doe, denk en meemaak.

En hetzelfde geldt voor mijn boeken. Vroeger bedacht ik een situatie of een voorval en dat begon dan te kriebelen om als verhaal opgeschreven te worden. En als het dan eenmaal lekker liep, was het ineens een boek (waarmee ik niet wil zeggen dat een boek schrijven niet veel werk is – maar ik vond het vooral erg leuk om te doen). Nu ben ik in mijn hoofd steeds bezig met het bedenken van een écht goed plot en wil ik mooie zinnen maken, die mensen kunnen quoten. Maar de meeste van mijn lezers willen gewoon even ontspannen met een gezellig verhaal.

Tja… Perfectionisme en een totaal gebrek aan zelfvertrouwen gaan meestal hand in hand. Bij mij wel in ieder geval. Mensen denken altijd dat perfectionisten heel hard werken om alles perfect te krijgen. En dat
klopt ook wel. Tot die perfectionist over een bepaalde grens gaat en ineen burnout en/of depressie terecht komt. Dan zorgt dat perfectionisme ervoor dat die persoon heel veel dingen niet meer doet. Want het lukt toch niet om het goed te doen.

Het gekke is dat ik niet zo was. Mijn streven was altijd (zelfs voor mijn boeken) “goed genoeg”. Maar die flexibiliteit ben ik in de afgelopen jaren kwijtgeraakt. Ik leg de lat – voor mezelf – enorm hoog.
Zou het de overgang zijn? Vast wel. Die krijgt overal de schuld van als je mijn leeftijd bent. Maar het is nooit te laat om slechte gewoontes weer af te leren. Ik werk eraan…

(p.s. dit stukje is wel min of meer spontaan uit mijn toetsenbord gevloeid en het voldoet zeker niet aan al mijn zelfopgelegde regeltjes. Dus als je dit stukje leest, heb ik mezelf dus over een paar hindernissen heen getrokken. En die foto… nou ja. Dat ben ik, voor de flamboyan. Dit is nu eenmaal hoe ik eruit zie op een heel normale dag. En nu niet roepen dat make-up wonderen kan doen. Dat spoelt er direct
weer af in die hitte hier.)

Een enthousiast, maar rommelig stukje over Agatha Christie

Geplaatst op 31/08/202305/12/2024 door Geertrude Verweij

 

Ik had bedacht dat het toch wel weer eens leuk zou zijn om wat stukjes
over boeken die ik gelezen heb te schrijven. Maar dat valt eigenlijk
niet mee op het moment. Niet dat ik zo weinig lees, maar zou wel wat
eenzijdig worden allemaal. Ik ben namelijk bezig mijn hele collectie
Agatha Christie boeken te (her)lezen. En ja, ik heb ze allemaal.

Volgorde

Helemaal goed heb ik er van tevoren niet over nagedacht, trouwens. Ik
heb twee edities door elkaar (uit de jaren 70/80), maar die volgen
dezelfde nummering. Ik ben dus gewoon gaan lezen vanaf nummer 1. Maar
dat is juist een van haar laatste boeken en er zit weinig logica in de
volgorde waarin de rest is uitgegeven. Of misschien is die logica er
wel, maar ik kan die nog niet erg ontdekken. Oud en nieuw lopen volledig
door elkaar.

Als ik de serie nog een keer herlees (dat doe ik zo om de paar jaar)
ga ik ze eerst op chronologische volgorde zetten. In de boeken wordt
namelijk af en toe verwezen naar een ouder verhaal en dan is het
tenminste logisch dat Poirot verzucht dat hij Hastings mist of dat sir
Henry weet wie miss Marple is. Niet dat het uitmaakt voor de plots,
overigens, maar het viel me een aantal keren op. En het zou ook best
interessant kunnen zijn om te zien hoe de verhalen en de schrijfstijl
van Christie zich ontwikkeld hebben door de jaren heen.
Op dit moment ben ik al bij boek 45 (van de 76), dus ga ik maar gewoon door.

Geheugen

Ik geniet er enorm van, dat wel. Dat is een vreemde eigenschap van
mij: hoewel ik een goed geheugen heb en meestal vrij letterlijk kan
onthouden wat ik lees in studieboeken of op websites, schakelt dat
geheugen zich min of meer uit als ik voor mijn plezier lees. Ik weet
meestal wel dat ik een boek al gelezen heb, en wat ik ervan vond, maar
de details blijven niet hangen en vaak is de plotwending alsnog
verrassend voor me. Echtgenoot vindt dat heel vreemd. Die leest boeken
maar één keer en dan weet hij het. Maar hij leest ook niet zoveel als ik
en hij leest niet met emoties. Ik wel. Ik kan een boek voor de vijfde
keer lezen en nog steeds de tranen voelen prikkelen bij een zielige
scene. Maar dat terzijde.

Misschien ga ik ooit van alle boeken een degelijke review schrijven,
maar op dit moment wilde ik eigenlijk gewoon wat willekeurige gedachten
delen.

Ariadne Oliver

Ik ga haar steeds leuker vinden. Ariadne Oliver speelt meestal een
rol naast Poirot. Het contrast tussen haar (vaak juiste) intuïtieve
invallen en Poirots methodische manier van denken is erg leuk. Ariadne
is in principe een karikatuur van Agatha Christie zelf; ze schrijft
detectiveromans, is “zo dom geweest een Fin als vaste speurder te kiezen
terwijl ze niets van Finnen weet” (een verwijzing naar Christie’s
Poirot die een Belg is) en worstelt met plots en met de publieke kanten
van het schrijverschap. Voor mij als schrijver vaak heel herkenbaar.

Egypte

Mijn minst favoriete boek (tot nu toe – ik kan me vaag herinneren dat
er nog een was die ik niet leuk vond, maar die is nog niet aan de beurt
geweest) is “En het einde is de dood”. Ik zie wel dat het voor de
schrijfster een heel leuke uitdaging geweest is om eens een verhaal in
het oude Egypte te situeren, maar het leest gewoon niet lekker. Het
taalgebruik is veel te hoogdravend en pompeus. Het idee daarachter zal
wel zijn dat men in het oude Egypte zo sprak, maar dat is onzin. Voor
die mensen klonk het normaal en vlot, dus kun je dat ook zo schrijven.

Het kan trouwens ook aan de vertaling liggen. Ik zou eigenlijk al
haar boeken in het Engels moeten lezen om er een definitieve uitspraak
over te doen. Het plot is wel redelijk goed. Zoals ze zelf al schrijft
in het voorwoord: het zou zich ook in een Engels landhuis kunnen
afspelen.

Het begin

Het eerste boek dat ik ooit van Agatha Christie las (verplicht voor
Engels op de middelbare school), was “Tien kleine negertjes”. Ik was
meteen fan; ik vond het zó knap in elkaar gezet. Wie het niet kent, moet
het zelf maar lezen, want als ik vertel waarom het zo knap is, geef ik
spoilers weg.
De in deze tijd controversiële titel verwijst naar een
kinderversje uit de periode waarin boek geschreven werd en daarom heet
het eiland ook zo. Als het versje destijds al over beertjes was gegaan
(zo ken ik het namelijk), had het verhaal zich op Bereneiland
afgespeeld. Maakt allemaal niet uit voor het plot.
Later toegevoegd: het internet vertelt me dat dit boek kortgeleden opnieuw is uitgegeven als “En toen waren er nog maar…”. Het
speelt zich nu af op Soldateneiland. Dan zal het versje in deze versie
wel over soldaatjes gaan. Zoals ik al zei, maakt niet uit voor het plot.

Pompoenen

Dat ik niet kan vertellen waarom ik het zo goed vind, geldt trouwens
ook voor een van mijn favoriete Poirots “De moord op Roger Ackroyd”. Dus
ja, lees zelf maar. Naar dit boek wordt overigens regelmatig verwezen
in de latere Poirot boeken. Hij gaat namelijk in dit boek met pensioen
om pompoenen te kweken, maar wordt -natuurlijk- betrokken bij een moord.
In latere boeken wordt er weleens over gesproken dat hij met pensioen
zou kunnen gaan. Dan komen die pompoenen weer ter sprake en geeft hij
aan dat het niet zo’n succes was.

Miss Marple

Wat mijn favoriete Miss Marple is, kan ik niet echt zeggen. Ze zijn
allemaal goed. Ik vind het karakter zelf zo geweldig. Het is een
schattig, breiend, ietwat warrig oud dametje, dat door buitenstaanders
nooit serieus genomen wordt. Maar ondertussen is ze altijd zowel
moordenaars als de politie te slim af. Ze ziet namelijk alle details en
heeft mensen dóór. Ik hoop later ook zo te worden. Mensen observeren doe
ik al graag en dat breiwerkje heb ik meestal ook bij de hand, dus het
begin is er.

Voorbeeld

Natuurlijk is Agatha Christie een van mijn grote voorbeelden op
schrijfgebied. Feelgood gaat me gemakkelijk af, maar ik zou dolgraag ook
cozy mysteries schrijven. Dat heb ik al gedaan trouwens. Hoewel de liefdesgeschiedenis de hoofdrol speelde, vallen Familiegeheimen, Erfgoed en misschien ook Alles onder controle
toch wel gedeeltelijk in die categorie. En -niet verder vertellen- ik
ben bezig met een boek waar het oplossen van een moord centraal staat.
Ik moet alleen nog wat details uitwerken.

Oef… wat een rommelig blogje is dit geworden. Nou ja, dat moet dan
maar. Het internet staat vol met goed doordachte stukjes over Agatha
Christie en haar boeken (hier bijvoorbeeld). Dit is meer een braindump. Zoiets van “waar het hart vol van is, loopt de mond van over”.

Ik denk dat ik over een tijdje (als ik alle boeken gelezen heb?) een
deel 2 van dit artikel ga schrijven, want het wordt veel te lang. Mocht
je ooit niet weten waar je met me over moet praten, dan weet je nu over
welk onderwerp ik niet uitgepraat raak…

  • Previous
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • …
  • 45
  • Next

Welkom!

Ik ben Geertrude, echtgenote van 1, (schoon)moeder van 5 en oma van 2.
Ik ben boekhouder, redacteur en schrijfster van beroep en hou van lezen, fotograferen, breien, naaien, tuinieren, kruidengeneeskunde en nog veel meer.
Hier schrijf ik over alles wat me bezighoudt en soms ook over mijn pogingen eens wat rustiger aan te doen.
Meer over mij vind je hier.

Archief

© 2026 Geertrude blogt | Aangedreven door Minimalist Blog WordPress thema