Ik zou natuurlijk verder kunnen gaan met het beschrijven van wat we iedere dag gedaan hebben en zo een keurig chronologisch reisverslag kunnen maken. Maar daar ben ik te chaotisch voor. Dus ga ik vanaf nu heerlijk van de hak op de tak. U bent gewaarschuwd.
Hoewel de meeste wilde dieren in Zuid Afrika natuurlijk net niet helemaal wild waren (ze leven in grote, maar afgeschermde gebieden) was het zien van die dieren voor mij toch één van de hoogtepunten van onze reis. We maakten een boottocht over de Santa Lucia Wetlands, waar we vooral nijlpaarden zagen. Heel veel nijlpaarden en een enkele krokodil. En dezelfde dag maakten we ook nog een tocht door het Hluhluwe Umfolozi Park, waar we een neushoorn van heel dichtbij zagen.
Het allerleukst vond ik de aanvaring met een kwade olifant. We zaten toen alweer in de bus, niet meer in de jeeps. In de struiken zagen we een drietal olifanten. Vermoedelijk waren dat twee vrouwtjes, waarbij de derde, een jong mannetje, net een blauwtje gelopen had. Hij was dus al niet in een goed humeur en toen hij onze enorme rode touringcar in het oog kreeg werd hij echt kwaad. Dat is een prachtig gezicht. Zijn oren flapperden en hij trompetterde zelfs een paar keer. Ik had nog wel langer willen kijken, maar onze gids vond het gevaarlijk worden en spoorde de chauffeur aan om snel door te rijden. Als een olifant zich met geweld tegen zo’n bijna lege (want de bagage en een deel van de groep hadden we in het hotel achtergelaten) bus knalt, is er een grote kans dat het hele geval omrolt. En dat was natuurlijk niet de bedoeling.
Waarmee ik direct een bruggetje kan maken naar een andere dag waarop de bus helemaal geen olifant nodig had om kapot te gaan. We hadden heerlijk geluncht langs het strand in Durban, maar toen we terug kwamen wilde de bus niet starten. Dus moesten we wachten op een monteur en in die tijd mochten we niet terug naar het strand, want onze reisleidster had natuurlijk geen idee hoe lang het ging duren voor we weer gingen rijden. We hebben ons dus in de buurt van de bus vier uur lang stierlijk verveeld.
Er was wel even wat afleiding toen een paar mannelijke medereizigers, die op een paar vierkante meter gras onder een boom een dutje wilden doen, door de politie verjaagd werden. En er was ook nog een mevrouw die de vrouwen van onze groep onverstaanbaar en zwaar onder invloed van het een of ander bleef lastig vallen, terwijl haar metgezellin de mannen probeerde te verleiden tot een heel ander soort afleiding. Maar verder was het erg saai.
Uiteindelijk kwam er een vervangende bus en leek het leed geleden. Dat viel tegen, want wat een mooie rit door de indrukwekkende Drakensbergen had moeten worden, werd een doodenge tocht in het pikkedonker en in dichte mist. Allesbehalve saai, dat wel, maar toch slaakten we een zeventwintigstemmige zucht van opluchting toen we heelhuids bij het hotel arriveerden…
Auteur: Geertrude Verweij
Zuid Afrika (2)
“Na aankomst in Johannesburg rijden we richting Mpumalanga. Onderweg hebben we nog een lunch, waarna we inchecken in het hotel. U heeft de tijd om bij te komen van de reis.” Dat stond in de reisbeschrijving. En omdat ik niet zo bijdehand was om op de kaart te kijken hoever Mpumalanga van Johannesburg is, verwachtte ik een korte rit. Wat ik ook wel nodig had na een doorwaakte nacht in het vliegtuig.
Helaas bleek de rit toch nog zo’n 300 kilometer te zijn, waarvan een deel door de bergen, waar een touringcar nu eenmaal niet de honderd haalt. We waren dus de hele dag onderweg. Ik was doodop toen we om zes uur bij het hotel aankwamen. Daar hadden we helemaal geen tijd om bij te komen, want we moesten om half acht klaar zijn voor het diner. Dat klinkt als zeeën van tijd, maar het was zo om.
En lekker lang slapen was er ook niet bij. De volgende ochtend werden we om half vijf gewekt en om vijf uur zou de bus vertrekken. Ja ja, echt heerlijk uitrusten op deze manier…
Maar het was het wel waard. We moesten zo vroeg weg omdat we naar het Krugerpark gingen. En je ziet nu eenmaal de meeste dieren als het nog niet zo heet is. De groep werd verdeeld over een aantal open jeeps en daar gingen we. Het duurde niet lang voor we een paar impala’s zagen. De gids stopte, maar zei lakoniek: “We hebben er zoveel van, die zie je overal.”
Toch maakten wij enthousiast foto’s, want het was nu eenmaal het eerste dier dat we zagen. De gids had trouwens wel gelijk, want aan het eind van de dag keek er bijna niemand meer op of om als er impala’s langs de weg stonden. Wat jammer was, want het zijn toch echt prachtige dieren.
We hadden geluk en zagen niet alleen twee keer een olifant van dichtbij, maar ook een giraf. Vanuit de verte zagen we neushoorns, buffels, waterbokken, nijlpaarden, kudu’s, gieren en verschillende fel gekleurde vogels waarvan ik de namen niet weet. Leeuwen en luipaarden hebben we helaas niet gezien.
Hoe moe ik ook was, ik genoot. En ontspannend was het ook. Want wat is er nu ontspannender dan achter in een auto zitten en niets anders te doen hebben dan kijken of je ergens een olifant tussen de struiken ziet? Geloof me, je knapt ervan op!
Zuid-Afrika :: De Kaap
Zuid-Afrika (1)
Als ik vertel dat ik een paar weken in Zuid-Afrika was, dan zijn de reacties steevast vol verwachting. Vertel, vertel! Alsof men van mij verwacht dat ik daar op een wonderbaarlijke manier terecht kwam en geweldige avonturen beleefd heb. Ik zou bijna denken: helaas niet.
De waarheid is zoveel simpeler. Echtgenoot en ik besloten vlak voor de jaarwisseling dat we dringend op vakantie wilden. In februari, want dan had hij tijd en ergens waar de zon scheen, want daar hadden we heel erg behoefte aan. We hebben eerst bekeken of het mogelijk was om net als tien jaar geleden een paar weken met een camper door Australië te gaan trekken, maar dat werd toch een beetje erg kostbaar. We dachten nog even over een resort ergens ver weg, maar weten dat we ons na twee dagen strand al vervelen en daar rust je ook niet van uit.
Toen kwam er een krantje met reisaanbiedingen. En daarin stond een rondreis in Zuid-Afrika. En precies die dag zei een kennis tegen echtgenoot dat Zuid-Afrika misschien wel iets voor ons was, wegens zomer en nauwelijks tijdverschil.
We hebben er eigenlijk niet echt over nagedacht. Het is absoluut geen land dat hoog op mijn verlanglijstje stond, maar de beschrijving sprak ons wel aan en de prijs viel mee. Dus boekten we. En dat was dat.
Van tevoren hadden we nauwelijks een idee waar we aan begonnen. Ik bedacht nog net op tijd dat we misschien inentingen en malariapillen nodig hadden, maar verder vertrokken we totaal blanco. Geen reisgidsen geraadpleegd, dat leek me niet nodig als ik toch niet zelf kon beslissen waar ik wilde kijken. En ook de beschrijving niet heel zorgvuldig doorgelezen, want al die vreemde plaatsnamen zeiden me toch niets.
Wat we van een groepsreis moesten verwachten wisten we ook niet, want dit was de allereerste keer dat we dat deden. We gingen er wel van uit dat we de jongsten zouden zijn en dachten dat het tempo daarom niet zo hoog zou liggen. Precies wat we nodig hadden, een rustige vakantie waarin we toch nog iets zouden zien van de omgeving.
Zo stapten we dus volkomen onvoorbereid in het vliegtuig en arriveerden we na een lange reis in Johannesbrug, waar we kennismaakten met onze reisgenoten. Die op één na inderdaad allemaal heel wat ouder waren dan wij. Maar het bleek al snel dat we dat tempo toch wel een beetje verkeerd ingeschat hadden…
Zuid-Afrika :: de dieren
Zuid-Afrika :: Sani Pass en Lesotho
Zuid-Afrika :: bloemen en planten
Weer opgedoken
Dictee
De Nederlandse taal blijft lastig. Terwijl gisteren taalliefhebbend Nederland zich over het Nationaal Dictee boog, maakte ik met tientallen dorpsgenoten ons eigen plaatselijke dictee. Men had mij daarvoor gevraagd als “prominent” wat betekende dat ik twee keer geïnterviewd ben, zowel van te voren als achteraf. Van te voren was de vraag welke woorden ik lastig te spellen vond. Dat is niet zo’n gemakkelijke vraag, want de woorden die ik niet kan spellen, zijn de woorden die ik niet ken. En die kan ik dus ook niet noemen.
Maar het bleek als snel dat mijn grootste probleem in de verbindingsstreepjes zit. Tweeëenheid moest twee-eenheid zijn en calimerocomplex moest dan weer wel aan elkaar. En dan die hoofdletters. Ook zo lastig. Ik had er veel te veel. Het waren brave hendriken (wat mijn spellingschecker overigens steevast verandert in Hendriken met hoofdletter) en een jantje-van-leiden. En dan had men er ook nog even een paar moderne woorden tussen gegooid. Ik hoorde achter me al zuchten over het woord getwitterde, maar voor mij was ge-sms’te ook teveel gevraagd. Dat streepje had ik, maar die apostrof wist ik niet. Ik vind het ook niet logisch en het staat erg raar. Maar ja, er is ook nooit beweerd dat taalregels logisch zijn. Ik zag in het officiële nationale dictee ook een enorm lang woord, maar ik vond beganegrondwoningen al te lang en had daar dus weer een streepje te veel. En bij een weids gebaar stel ik me iemand voor met zijn armen gespreid, dus schreef ik wijds. De tussen-n is natuurlijk ook altijd grappig, maar daar heb ik in het verleden zo mee getobd dat ik ze nu allemaal goed had. Apegapen, kattebelletje, rozengeur en maneschijn. Het woord waar het meeste discussie over is geweest, was raadzaal. Dat moet zowel volgens het groene boekje als de Van Dale zonder s. Maar als je in de Van Dale raadszaal opzoekt, wat de meesten van ons opgeschreven hadden, staat het er wel in, met een verwijzing naar raadzaal. Om het nog net even iets lastiger te maken was er één zin waarin verteld werd dat het dictee niet versjteerd was geworden met woorden als: cordon sanitaire en mefistofelisch dilemma. Haha, erg leuk. In die paar woorden had ik drie fout.
Mijn eindtotaal was negentien fout, wat helemaal niet slecht bleek te zijn. En het was nog leerzaam ook, want die negentien fouten maak ik nu dus ook nooit meer!
Vol
Ik heb een erg volle week, zelfs voor mijn doen. Beetje onhandige planning van mijn kant was dat. Ik dacht slim te zijn en de drie interviews die ik in moet leveren voor de kerstkrant alvast deze week in te plannen, zodat ik wat langer de tijd zou hebben. Voor de komende week had ik ook drie opdrachten, wat de telling op zes brengt. Dat is best te doen, maar zondag hebben we ook nog een verjaardag. Dus moet het huis, dat ik de laatste tijd wegens griep en moe een beetje verwaarloosd heb, nu echt schoon. En hoewel ik op dit moment neig naar het serveren van zelf-gekochte etenswaren, hoop ik nog steeds toch nog zelfgemaakt te kunnen regelen. Hoe veel werk is het nu eenmaal om een cake te bakken?
Maar goed, Gisterenochtend had ik een hele lijst dingen die ik moest en wilde doen. De totale lijst verandert steeds, dat is wel lastig, maar ik dacht een redelijk strakke planning voor die dag te hebben. Twee dochters en echtgenoot moesten vroeg naar school en werk en de derde dochter had de hele dag vrij. Met haar zou ik om negen uur naar het winkelcentrum gaan om wat hoognodige spullen te kopen. Uiterlijk elf uur wilde ik dan weer terug zijn, zodat ik nog tijd had om op te ruimen en schoon te maken voor ik om half twee weer een interview had. Daarna had ik nog een aantal dingen die ik moest doen. Goed gepland. Maar ik zou inmiddels moeten weten dat zoiets niet te plannen valt.
Om acht uur vertrok dochter twee. Tenminste, dat was de bedoeling. Maar een minuut nadat ze naar buiten gelopen was, kwam ze al weer binnen. “Mijn band is heel erg plat!”
Ja, die was lek. En ze moest naar haar werk. Dus ik zei: “Ik breng je wel naar het metrostation.”
Dat is dichtbij, dat kost maar een minuutje of tien. Maar ze moest nog wel even haar OV-kaart bijladen. Wat niet kon, want het apparaat stond simpelweg uit.
Dan maar rechtstreeks naar haar werk brengen. File in de nieuwbouwwijk, file bij het winkelcentrum, file bij het kruispunt naar de snelweg. En toen ik het kind had afgeleverd ook weer file in de omgekeerde volgorde.
Ik was pas om half tien thuis en toen moest ik nog ontbijten. Mijn hele planning in de soep. En dat bleef de rest van de dag zo. Want natuurlijk was er in het hele huis geen bandenplakset te vinden. Die moest ik dus eerst gaan kopen. Samen met het plakken kostte me dat nog eens drie kwartier. Het interview liep uit en in de supermarkt waar ik even snel iets ging halen was het belachelijk druk. Ik wilde per se netjes eten koken, maar ik was zo bang dat het eten zou verpieteren wegens laat thuis komende echtgenoot en dochter, dat het nog niet gaar was, toen het hele spul hongerig aan tafel schoof. Daardoor waren we pas om kwart voor acht klaar met eten en was ik tot tien uur bezig met het uittypen van mijn aantekeningen. Om de avond nog een beetje gezellig te maken, gingen we ook weer veel te laat naar bed.
Voor vandaag heb ik weer een hele lijst (waarvan een groot deel er dus gisteren al op stond). Geen afspraken voor de krant en het lijkt er op dat ik geen kinderen hoef te halen of te brengen. Ik zou me dus aan de planning moeten kunnen houden. Maar er zal heus wel weer iets onverwachts gebeuren. Zo gaat dat hier nu eenmaal. En ik troost me maar met de gedachte dat er vast meer mensen zijn die in zo’n chaos leven. Of ben ik echt de enige?