Geertrude blogt

Menu
  • Contact
  • Over mij
  • Privacy
Menu

Categorie: persoonlijk

van A tot Z :: de D van doen

Geplaatst op 15/11/2016 door Geertrude Verweij

Laat ik eerst even vooropstellen dat ik een hekel heb aan het woord “gewoon” als dat gevolgd wordt door een werkwoord. Meestal is dat namelijk heel denigrerend bedoeld en ook niet echt iets waar je wat aan hebt. Afvallen? Gewoon minder eten en meer bewegen (het is wel zo, maar dat weet je echt wel, het probleem is juist dat het niet “gewoon” lukt). Depressief? Gewoon wat positiever in het leven staan (was het maar zo simpel). Enzovoorts. Heel vervelend.

Maar toch ga ik het nu zeggen. Want in dit geval kan ik erachter staan. Ik zie en hoor regelmatig dat mensen beweren dat ze graag een boek zouden willen schrijven. En dat blijven ze herhalen, want het klinkt wel interessant. Maar ze doen het niet. En dat begrijp ik dus niet. Als je wilt schrijven, ga je zitten en je doet het gewoon.

Natuurlijk kun je het te druk hebben. Soms is er echt geen tijd om te schrijven. Maar vaak is het een kwestie van keuzes maken. Geen series of domme televisieprogramma’s kijken, niet de hele avond facebook, instagram en twitter en kijk nou eens: toch tijd om te schrijven. Het kan even duren met een uurtje hier en een uurtje daar, maar je bent er wel mee bezig.

Geen idee waarover? Sorry, dat is geen argument. Je zegt dat je wilt schrijven, dus dan moet je toch iets te vertellen hebben. Lijkt mij.

Ik zie weleens berichten voorbij komen op een schrijfforum waarin mensen vragen om een onderwerp “ik wil een boek schrijven, maar ik weet niet waarover”. Daar kan ik me boos om maken. Ik reageer er nooit op, want meestal zijn het kinderen en dat is dan toch een beetje sneu. Maar kom nou, als je werkelijk helemaal niet weet waar je over wilt schrijven, waarom wil je dan een boek schrijven? Om rijk en beroemd te worden? Als Nederlands je moerstaal is kun je dat wel vergeten. Er je brood mee verdienen is mogelijk, zij het geen heel dik belegde boterham, maar zelfs dat is voor weinigen weggelegd. En schrijven in het Engels klinkt leuk, maar dan heb je ineens gigantisch veel meer concurrenten waarvan het grootste gedeelte een betere taalbeheersing heeft dan jij omdat het wel hun eigen taal is en niet de jouwe.En…
Oh, oeps. Stokpaardje. Maar goed, dat zeg ik dus allemaal niet. Want eigenlijk geldt voor hen hetzelfde.
Als je het zo graag wilt, doe het dan gewoon. Verzin een onderwerp, pak een woordenboek en schrijf.

Geen inspiratie? Dat is een onderwerp waar ik eigenlijk een hele blogpost over zou kunnen schrijven, maar in het kort: ik geloof dat “inspiratie” vanzelf komt als je eenmaal aan het werk bent. Bij mij wel in ieder geval. Meestal weet ik ongeveer wat ik wil schrijven, zit ik eerst even tegen dat lege scherm aan te hikken en komt het pas echt los als ik aarzelend begonnen ben. Het heeft echt geen zin om naar dat scherm te staren (of nog erger: te gaan internetten) in afwachting van dat gevoel van inspiratie. Ik moet het gewoon doen.

Schrijven is gewoon werk.
Je kunt blijven beweren dat je zou willen dat je deur groen was. Maar tenzij je de kwast pakt (of iemand anders de kwast laat pakken, wat trouwens ook een mogelijkheid is als je wel een goed levensverhaal maar geen schrijftalent hebt, maar nu dwaal ik af), zal die deur nooit groen worden. Je moet er iets voor doen.

Het klinkt allemaal wel hard, dat weet ik. Maar ik zeg het ook tegen mezelf.
Ik heb na het afwerken van een boek altijd een dipje. Vaak geloof ik dat ik het niet meer kan. Dat het nu gewoon op is en dat ik maar moet accepteren dat het hierbij blijft. Dan ga ik in de tuin werken en meubels verplaatsen of tasjes naaien en mutsen breien. Maar na een tijdje gaat het altijd weer kriebelen. Zal ik? Of wordt dat toch niets? Ik kon het immers niet meer?
Uiteindelijk komt er dan een dag dat ik tegen mezelf zeg: Zeur niet zo. Schrijven, dat moet je gewoon doen!

En daarom zit ik nu, ondanks chronisch tijdgebrek, ondanks een steeds terugkerend gebrek aan inspiratie, ondanks bergen redenen om het niet te doen ineens al bijna halverwege boek 11…

van A tot Z :: de C van correcties

Geplaatst op 18/10/2016 door Geertrude Verweij
Tja, dan heb je een boek geschreven en het verhaal is prima en je bent er blij mee. De uitgever vind het ook goed. Je hebt een contract, een omslagontwerp en je boek staat al in de fondslijst. Ben je er dan? Is het boek klaar?
Was het maar waar. Dan komen de correctierondes en ik durf best te zeggen dat ik dat het minst leuke onderdeel van het hele schrijversvak vind.
Dat komt ten eerste doordat ik tijdens die correctierondes het verhaal zo vaak lees, dat ik er helemaal niets meer aan vind. Gelukkig kan ik het niet meer vernietigen, want al die afspraken met de uitgever staan al, maar soms ben ik ertoe in staat. Hoe meer ik er mee bezig ben, hoe meer ik zie dat anders had gemoeten. Gelukkig is daar dan geen tijd meer voor, want de kans bestaat dat je een boek kapot repareert, als je begrijpt wat ik bedoel. Dan is de ziel eruit. En dat is erger dan een paar achtergebleven spel- of stijlfoutjes.
Wat ik ook vervelend vind aan die correctierondes is dat ik zo vaak denk dat er echt helemaal geen spelfouten meer inzitten. Ik ben goed in spelling, ik doe dat soort dingen niet.
Ik heb een dochter die Neerlandicus is. Zij is één van mijn vaste proeflezers en meestal vist ze er nog heel wat domme foutjes uit. Oeps. Dan gaat het boek naar mijn redactrice. Die zegt dat ik “netjes werk”, maar uiteindelijk heeft ze altijd nog een aardige lijst verbeteringen.
Die bekijk ik dan één voor één, ik lees de rest van het manuscript ook nog een keer door en kijk nu eens… ook zij heeft er nog een paar over het hoofd gezien.
Ik stuur het naar haar en zij stuurt het naar de vormgever. Die stuurt een pdf terug voor de allerlaatste controles en… mijn redactrice vindt toch nog wat. Ik lees het nog eens door om haar verbeteringen te verifiëren en vind er dan meestal nog een stuk of wat. Dan zijn we er klaar mee. Het boek verschijnt in druk. Ik ben het inmiddels spuugzat en ik lees het dus niet. Maar als ik het boek opensla, zomaar, willekeurig een stukje lees, zie ik heel vaak toch nog iets. Geen grove fouten meer, nee. zover hebben we het wel onder controle. Maar toch een zin die niet loopt, of een woord dat zich wel erg vaak herhaalt.
En na zo’n correctiesessie neem ik het me iedere keer weer voor: ooit, ooit, lever ik een manuscript in dat helemaal perfect is.
Tip: maak een lijstje met fouten die de spellingscontrole niet vindt, maar die je wel vaak fout doet en controleer daar nog even op voor je het manuscript opstuurt. Voorbeeld: ik schrijf altijd hij vind en hij word in plaats van hij vindt en hij wordt. Die t na de d vind ik raar staan en dus vergeet ik hem, maar hij hoort er wel. Dat staat dus op mijn lijstje. Scheelt een heleboel correcties 😉

Even bijpraten

Geplaatst op 04/10/2016 door Geertrude Verweij

Tja, ik had dus bedacht dat ik aan het eind van iedere maand even snel en gemakkelijk met mijn bloglezers zou bijpraten. Dat soort stukjes schrijf ik tenslotte al jaren. Gewoon vertellen wat ik meemaak en klaar. Maar om de een of andere reden is het toch niet zo gemakkelijk meer. Niet dat ik niets meemaak, integendeel. Het is alleen niet zo gemakkelijk meer om het een beetje leuk op te schrijven. Ik ben het verleerd, blijkbaar. Het helpt ook niet dat ik nu veel meer dan toen nadenk over wat ik wel of niet openbaar wil zetten en dat remt. Voeg daaraan toe dat een deel van de verhalen die ik zou kunnen vertellen eigenlijk helemaal mijn verhalen niet zijn, maar die van familieleden die dat liever niet allemaal online willen hebben en je kunt je voorstellen dat het niet zo vlot meer gaat. Maar ik doe een poging…

Wat deed ik deze maand? We kochten een andere kast voor de woonkamer en dat leidde tot een kastenrevolutie in het hele huis. Ik heb er een stuk of vier naar de kringloop gebracht en ik denk dat er behalve de keukenkasten geen enkele kast niet leeggehaald en opnieuw ingedeeld is. En die keukenkastjes zitten me al een paar weken dwars, die moeten ook nog leeg.

Er kwam alleen even een onverwachte verbouwing tussendoor, waardoor ik een week in stof en puin doorbracht. Het begon met een spelletje Yahtzee en het eindigde met een complete renovatie van het plafond. Dat kan zomaar. Hier wel, in ieder geval.

Ik had grootste plannen om de mooie nazomer te gebruiken om de laatste tuinklussen te doen, maar daar is dus niet zo heel veel van gekomen. Gelukkig lijkt het de komende weken nog redelijk droog te blijven, dus ik hoop er nog aan toe te komen.
Over moestuinen en  oogsten praat ik maar even niet. De weinige groente die ik geplant had is opgegeten door rupsen en slakken. Nou ja, volgend jaar beter. Ik blijf hopen dat het ongedierte en ik ooit tot een eerlijke verdeling zullen komen.

Van schrijven is in september niet veel gekomen, zo tussen het opruimen en verbouwen door. Dat hebben jullie wel gezien natuurlijk, want van de alfabetserie is niet zo heel veel terecht gekomen. Wie A zegt, moet ook B zeggen en dat is gelukt, maar ik ben blijven hangen op de C. Gelukkig had ik het vervolgverhaal van te voren helemaal geschreven, want anders was daar ook weinig van terecht gekomen. En ik beloof geen verbetering, want de komende maand zou weleens net zo druk en chaotisch kunnen worden als de vorige.

Terwijl ik dit schrijf, vraag ik me af wat voor foto’s ik bij dit stukje moet plaatsen. Ik heb de verbouwing wel min of meer gedocumenteerd, maar echt boeiend zijn de foto’s van kale balken en nieuw rachelwerk niet. En van mijn opgegeten planten heb ik niet eens foto’s gemaakt.
Gelukkig vond ik op mijn camera ook nog wat andere plaatjes. Die hebben niets met het voorgaande te maken, maar ik vind het wel leuk om ze te laten zien. Misschien moet ik in het vervolg maar alleen een paar foto’s plaatsen en niet zeuren over kasten opruimen, verbouwingen en drukte…

p.s. nog even voor de schrijvers onder mijn lezers: wisten jullie dat het Valentijngenootschap een verhalenwedstrijd organiseert voor leden en niet-leden? Hier lees je er alles over.

van A tot Z :: de B van Bibliotheek

Geplaatst op 13/09/2016 door Geertrude Verweij
http://www.bibliotheek.nl/

Mijn vroegste herinneringen – ik denk dat ik drie was en dus nog niets eens kon lezen – bevatten warme gevoelens voor manden en kasten vol boeken die ik nog niet kende. En ik mocht er gewoon een paar mee naar huis nemen! Dat gevoel is altijd gebleven. Als kind en tiener kenden ze me er allemaal, zo vaak kwam ik er en ik heb nog steeds dromen waarin ik rondloop in de oude bibliotheek in de plaats waar ik opgroeide. Dat was dan ook echt zo’n gezellig ouderwetse leeszaal, gevestigd in een twee huizen, die met een gangetje aan elkaar verbonden waren. De volwassen afdeling was gevestigd in “het andere huis” en daar had ik dus niets te zoeken, maar ik vond niets heerlijker dan er stiekem toch rondneuzen.

Bij iedere verhuizing was inschrijven bij de plaatselijke bibliotheek zo’n beetje mijn eerste actie en onze kinderen zijn ook al lid sinds ze heel jong waren. Ik zou niet weten hoe ik de enorme leeshonger hier in huis had moeten stillen als de bibliotheek er niet was geweest. Uit hun vroegste jeugd herinner ik me stapels prentenboeken en een schorre keel van het voorlezen, want natuurlijk moesten alle boeken direct bij thuiskomst voorgelezen worden. Sommige boeken kwamen regelmatig mee naar huis. Ik kan me nog hele stukken van “Met tien in het bed” herinneren…
Een wekelijks bezoekje aan de bibliotheek behoorde echt tot onze vaste uitstapjes en toen de kinderen ouder werden hadden we allemaal zelfs twee abonnementen,. Eén op de plaatselijke biep, waar de dochters zelf heen gingen voor leesvoer en één voor de bibliotheek in Rotterdam. De hoofdvestiging in het centrum is zo groot dat we er regelmatig een ochtend doorbrachten.

Tegenwoordig kom ik wat minder vaak in de bibliotheek, vooral vanwege de beperkte openingstijden van de dichtstbijzijnde vestiging, maar ik kom er toch zeker eens per maand. Via internet reserveer ik boeken die ik niet zo gauw zou kopen (laatste reservering: Dante’s hel) en als ik die ophaal ga ik meteen even rondneuzen op zoek naar nieuw
Ik ben ook erg blij met de mogelijkheid om e-boeken te lenen. Dat is een legale manier om goedkoop aan e-books te komen. Ik lees niet zo vaak e-books, maar als we op vakantie gaan, vind ik het heerlijk om er tien te downloaden, zodat ik de keus heb, zonder dat mijn koffer meteen het overgewicht inschiet.
Als lezer zou ik echt niet weten wat ik zonder de bibliotheek zou moeten en ik vind het dan ook vreselijk jammer dat er zoveel sluiten.

Als schrijver haal ik een deel van mijn inkomsten uit de leengelden en dat is ook fijn, maar het gaat niet alleen om het geld. Hoewel schrijven mijn beroep is, vind ik het gewoon fijn dat mijn boeken ook beschikbaar zijn voor mensen die de volledige aankoopprijs niet kunnen of willen betalen. En het is dan een goede regeling dat ik er toch iets aan overhoud.
Hier zou eigenlijk een pleidooi tegen huisbibliotheekjes en tweedehands boeken moeten volgen (want daar zie ik dus niets van terug), maar dat zou een tikje hypocriet zijn, want ik koop zelf ook veel boeken bij de kringloop. Ik zie het maar als een manier om naamsbekendheid te krijgen. Er zijn altijd mensen die dan toch zo snel mogelijk “de nieuwste Geertrude” willen lezen en hem daarom nieuw kopen of bij de echte biep lenen en daar verdien ik dan weer wel aan.

Goed, terug naar de bibliotheek zelf. Ooit, voor het internet, bracht ik soms hele middagen door in de bibliotheek om research te doen. Ik herinner me een zoektocht naar de regels voor privé-detectives, omdat ik de Nederlandse Kinsey Millhone of V.I. Warshawski wilde verzinnen. De kopietjes die ik toen maakte heb ik jaren bewaard, maar de mogelijkheden bleken te beperkt om er een serie boeken over te schrijven. Ook heb ik er wel mijn uitgever gevonden. In 1999 had ik een boek geschreven dat – in mijn ogen – wel in de categorie detective/thriller viel en ik bracht een paar uur door in de bibliotheek om te zoeken naar nederlandstalige thrillerschrijvers (die waren er toen een stuk minder dan nu) en hun uitgevers. Waarschijnlijk hebben de meeste van mijn vaste lezers dit verhaal al eerder gehoord: dat boek is nooit iets geworden, maar ik kreeg van de uitgever wel een uitgebreid verslag over mijn boek met een hoop tips. Ook zei hij: “Blijf vooral schrijven, want je hebt talent.”
Toen ik dus jaren later een roman schreef en ik er toevallig – door een bij de bibliotheek geleende liefdesroman – achterkwam dat hij dat genre nu ook uitgaf, was de beslissing om mijn nieuwe manuscript juist naar hem te sturen snel genomen.

Nee, ik kan me geen wereld zonder bibliotheken voorstellen en ik hoop van harte dat ik dat nooit mee hoef te maken ook!

van A tot Z: de A van Alfabet

Geplaatst op 06/09/2016 door Geertrude Verweij
Om mezelf een beetje te helpen met het verzinnen van onderwerpen bedacht ik dat het misschien wel leuk was om een A-Z serie te doen met onderwerpen die op de één of andere manier met schrijven (en/of lezen) te maken hebben. Op de een of andere manier gaat brainstormen gemakkelijker als ik het op alfabet doe.
Dat soort lijstjes maakte ik als jong meisje al. Bij mijn opa en oma lag altijd voor ieder kleinkind een schrift om in te tekenen en te schrijven en dan zat ik tijdens ons zondagse bezoek lijstjes te maken. Jongensnamen, meisjesnamen, dieren, dat soort dingen. Blijkbaar werken mijn hersenen op alfabet.
 Ik heb dat ook met andere dingen trouwens. Ik worstel al jaren met gestructureerd plannen en lijstjes maken, maar als ik ze opberg is het altijd op alfabet. Hoe moet je de dingen anders terugvinden? Oké, ik geef het toe, soms is op datum of op nummer handiger en dat doe ik dan ook, maar sorteren op alfabet vind ik leuker.
Waarom ik de serie begin met de A van Alfabet? Tja, dat lijkt me logisch. Hoe kan een mens schrijven of lezen zonder alfabet? Het is het begin van alles.
Ik kan me niet meer herinneren hoe ik het alfabet geleerd heb, maar ik weet wel dat ik lezen geweldig vond. Ik heb vage herinneringen aan de allereerste woordjes. Boom, roos, vis. Later is die boom vervangen door maan, wat logischer was vanwege de klinkers, maar in mijn tijd was het boom. Er waren boekjes over kabouters. Nies en Tom, volgens mij, (later toegevoegd: bijna goed – Sam, Dop en Nies volgens deze link ) maar die vond ik niet zo leuk. 
Gelukkig kon ik al snel alles lezen wat los en vast zat. En dat deed ik dan ook. Ik had zelf een behoorlijk gevulde boekenkast en gelukkig bestond er ook nog zoiets als een bibliotheek.
Schrijven vond ik, als linkshandige, in eerste instantie wat minder leuk, want dat ging voor mij net iets lastiger dan voor rechtshandigen. Maar ik denk dat ik het vrij snel door had, want ik kan me niet eens herinneren wanneer ik mijn eerste verhaaltjes schreef. Ik denk al heel vroeg. Opstellen maken vond ik het leukste vak op school, vooral als we een vrij onderwerp hadden. Mijn fantasie sloeg dan behoorlijk op hol en ik beschreef de meest dramatische gebeurtenissen en de meest ongeloofwaardige avonturen (dat gebeurt nu nog steeds trouwens, jullie zien alleen de opgeschoonde versies).
Zonder alfabet zou dat allemaal niet kunnen. Dan zou ik mijn verhalen moeten verbeelden met mijn tekentalent, maar dat schiet zwaar tekort. En zonder alfabet zou ik ook deze blogpost niet kunnen schrijven. Zonder alfabet lukt er een hoop niet.
Dat zal dan ook wel de reden zijn dat het al vierduizend jaar geleden werd uitgevonden…
Schrijftip: brainstorm eens op alfabet als je inspiratie nodig hebt. Verzin een lijst met 26 (of 24, want de q en de x mag je van mij weglaten) mogelijke gebeurtenissen, voorwerpen, wapens, beroepen, enzovoort. De mogelijkheden zijn eindeloos.
Maak je niet druk als je het alfabet niet vol krijgt: het is een oefening die kan helpen om weer op gang te komen, geen opdracht die perfect uitgevoerd moet worden 😉

Even bijpraten

Geplaatst op 23/08/2016 door Geertrude Verweij

Tja, en nu begint de zomer toch langzaam aan zijn (haar?) eind te komen. Hoewel je dat dus niet zou denken zou denken op het moment dat ik dit schrijf, want mensen, wat is het heet vandaag.

Hoe was jullie zomer? Ik heb er in ieder geval zo veel mogelijk van genoten. We hebben ondanks het (soms) ietwat tegenvallende weer toch heel wat keren gezellig gebarbecued en ook de normale maaltijden heb ik zoveel mogelijk buiten op tafel gezet.
De tuin is dan ook eindelijk bijna op het punt dat ik het klaar zou durven noemen. Een tuin is natuurlijk nooit helemaal klaar. Onkruid blijft terugkomen en ook planten die je wel graag wilt houden doen niet altijd wat ik wil. Ik heb er toch een aantal die ik aan het begin van het jaar enthousiast neer gezet heb, moeten verplaatsen (te groot), weghalen (dood gegaan) of vervangen (te groot, dood gegaan of eigenlijk niet mooi). Maar dat is nu juist het leuke van een tuin, vind ik.

Ik heb dit jaar niet echt aan moestuinieren gedaan, maar een klein beetje oogst heb ik toch wel. Een paar kerstomaatjes (niet verder vertellen, maar die heb ik na de foto allevier opgegeten, zonder te delen met het gezin) en een enorme berg pruimen. Blijft leuk. Verder heb ik me vooral op bloemen en struiken gericht.

Hoewel ik dus deze zomer vooral heel veel buiten te vinden was en daarnaast wat klusjes in huis heb afgewerkt, ben ik daarnaast bezig geweest met het schrijven van teksten voor deze website. Want het wordt tijd dat daar weer een beetje meer leven inkomt. Dus zullen er vanaf 1 september twee stukjes per week verschijnen.

Vervolgverhaal

Om te beginnen op donderdag (want 1 september valt op een donderdag) een deel van een vervolgverhaal. Ik durf te beweren dat dit door zal lopen tot eind december, want het is namelijk al klaar (op de allerlaatste controleronde na). Ik heb in het verleden een aantal pogingen gedaan om verhalen die nog helemaal niet af waren te plaatsen zodra ik een stukje had, maar dat werkt voor mij niet. Ik moet het gevoel hebben dat het een compleet verhaal is vóór ik het aan iemand laat lezen. En nu hoop ik maar dat jullie het met net zoveel plezier gaan lezen als ik het geschreven heb. De afleveringen van het vervolgverhaal vallen buiten de “blogposts via e-mail” abonnementen, maar je kunt je er wel apart voor inschrijven via deze link.

Andere blogposts

Daarnaast heb ik wat ideetjes voor andere series blogposts, die iedere dinsdag zullen verschijnen. Ik heb eigenlijk zelfs zoveel ideeën dat ik gemakkelijk de week zou kunnen vullen, maar ik probeer mezelf voor te houden dat ik deze keer beter voor de lange termijn kan gaan. Beter jarenlang twee stukjes per week, dan iedere keer enthousiast beginnen en dan weer moeten afhaken. Bovendien moet ik binnenkort toch echt aan mijn volgende boek beginnen en dan is het prettig om niet te hard over blogposts na te hoeven denken.

Vraag maar raak

In ieder geval zal er iedere maand een stukje als dit verschijnen, dat waarschijnlijk ook gewoon “even bijpraten” gaat heten. In dat stukje wil ik ook iets nieuws verwerken. Ik wil namelijk niet alleen willekeurig gaan kletsen over wat ik allemaal gedaan heb, maar het lijkt me ook leuk om vragen van lezers te beantwoorden.
Bij deze ligt de bal dus bij jullie. Vraag maar raak. Maakt niet waarover, over schrijven, over mijn privéleven, over iets anders. Vragen staat vrij. Ik behoud me alleen wel het recht voor om sommige vragen niet te beantwoorden, maar als je iets wilt weten kun je altijd een poging doen 😉 Je mag vragen achterlaten in de reacties op mijn blog, en je kunt me natuurlijk ook altijd even een mailtje sturen. Laat in dat laatste geval ook even weten of ik je naam mag noemen of dat je liever anoniem blijft.

Social Media

Oh ja, nog iets. Ik ben bezig mijn social media accounts (instagram, twitter en facebook) nieuw leven in te blazen. Het is nog steeds niet echt mijn ding, dus echt vreselijk actief zal ik er nooit worden. Het blijft waarschijnlijk bij sporadischde updates en links naar blogposts, maar als je me wilt volgen, graag! (terugvolgen doe ik natuurlijk ook)

Nieuwsbrief

Als laatste wil ik nog even wijzen op mijn nieuwsbrief, die vernieuwd is. Mensen die erop inschrijven krijgen niet alleen het laatste schrijfnieuws, maar ook zo af en toe een extraatje (een voorproefje van een nieuw boek bijvoorbeeld), te beginnen met een gratis kort verhaal. Inschrijven kan via deze link (ook te vinden in de zijbalk).

Zo. Dat was het wel zo’n beetje (gelukkig maar, want deze blogpsot is al extreem lang eigenlijk). Dan ga ik nu de laatste hand leggen aan het vervolgverhaal, want zodra ik op “publiceren” gedrukt heb, kan ik er echt niet meer onderuit….

Goed uitgewerkte karakters (Biblionrecensie)

Geplaatst op 12/07/2016 door Geertrude Verweij

Ik wilde het opschrijven en realiseerde me ineens dat ik het bij elk boek opnieuw zeg. Maar het is nu eenmaal zo, dus zeg ik het toch weer: het wachten op de recensie van Biblion is zenuwslopend. Zelfs nu ik er zelf toch min of meer van overtuigd ben dat “Alleen is maar alleen” gewoon een goed boek is, was het enorm spannend.
Gelukkig kwam het verlossende antwoord vandaag:

“Maxime woont alleen, werkt vanuit haar eenvoudige huis als computerprogrammeur en is best tevreden met haar leventje. Haar zus Celeste hecht juist veel waarde aan een groot huis en dure kleding, zeker ook voor haar twaalfjarige zoon Tijn. Ze werkt te hard om dit te kunnen betalen en heeft daardoor te weinig tijd en aandacht voor Tijn en haar nieuwe vriend Carl met zijn twee dochtertjes. Daarom is Tijn veel bij zijn tante, met wie hij goed kan opschieten. Maxime krijgt ook steeds meer aandacht van twee mannen. Maar wat moet ze daarmee? Wie Tijns vader is, blijft lang een mysterie. Tijn kan daar maar moeilijk mee omgaan en maakt rare sprongen. Het boek speelt zich af in de huidige tijd. De karakters worden goed uitgewerkt. Hoogbegaafdheid, familierelaties en het fenomeen samengesteld gezin komen aan de orde. Het boek leest gemakkelijk weg. Voor liefhebbers van Hetty Luiten en Gerda van Wageningen.”
Iris Stekelenburg-van Halem- NBD Biblion

Ik ben er blij mee.
(meer informatie -samenvatting, download eerste hoofdstuk, prijs, isbn- over Alleen is maar alleen vind je hier)



p.s. ik weet dat het weer akelig stil op mijn website en blog is, maar ik werk aan een aantal dingen die vanaf september de boel weer wat levendiger zouden moeten maken. Nog even geduld dus…

tien!

Geplaatst op 27/05/2016 door Geertrude Verweij

Op de een of andere manier ben ik vaak op vakantie als mijn nieuwste boek uitkomt. Of ik ben gewoon vaak op vakantie, dat zou ook kunnen natuurlijk (was het maar waar…). In ieder geval was ik er weer eens niet toen de postbode de doos met boeken bracht. Maar dat maakt niet uit. Het is leuk thuiskomen.
En ja, ook bij het tiende boek blijft het bijzonder om het resultaat van al dat werk voor het eerst in je handen te hebben.

Nog even alle informatie op een rijtje:

ALLEEN IS MAAR ALLEEN
Maxime en Celeste zijn zussen, maar de enige schakel tussen hen is Celestes twaalfjarige zoon Tijn, die regelmatig naar zijn tante vlucht als hij ruzie met zijn moeder heeft. Maxime vangt hem met liefde op, maar als de incidentele weekendjes langzaam veranderen in langere periodes, gaat ze zich steeds verantwoordelijker voelen voor dingen waar ze zich tot nu toe buiten hield. Hoewel ze normaal gesproken nogal mensenschuw is, moet ze om Tijns bestwil haar zelfgekozen isolement doorbreken en dat valt niet mee. Ze ontmoet zelfs twee mannen die veel voor haar gaan betekenen, maar wil ze haar voorheen zo rustige bestaan voor
één van hen opgeven?
Ondertussen worstelt Celeste met haar gevoelens voor haar vriend Carl. Deze relatie lijkt dezelfde kant op te gaan als al haar voorgaande relaties. Zodra het serieus wordt, haakt ze meestal af. Maar wil ze deze man wel kwijt of is hij anders dan de rest?

ISBN 978-90-8660-306-0
Prijs: € 17,50
Uitgeverij: Ellessy

Bestellen: bij iedere reguliere boekhandel of bij bol.com (link gaat direct naar juiste pagina) en andere online boekwinkels.

Eerste hoofdstuk alvast lezen? download hier
 

Hoewel ik (door allerlei omstandigheden) niets bijzonders gepland heb om het te vieren, is tien toch wel een mijlpaal. Het begint al een aardig rijtje in mijn kast te worden.
En nu? Op naar de volgende tien 😉

Gelezen in februari

Geplaatst op 08/03/2016 door Geertrude Verweij

Dit is een blogpost waar ik lang over getwijfeld heb. Want ik vraag me altijd af wat jullie aan mijn leeslijsten zouden hebben. Wat ik lees wordt niet bepaald door nieuwe verschijningen, goede recensies of populariteit. En ik lees ook niets wat in de categorie “klassiekers” valt. Ik lees namelijk om te ontspannen en dat is te zien aan de boeken die ik kies. Bovendien haal ik een deel uit de kringloop en een deel uit de bibliotheek. Superrecent is het dus allemaal niet.
Waarom dan toch? Omdat ik het leuk vind (ja, sorry, terugkerend thema hier). En omdat ik het zelf altijd boeiend vind om in andermans boekenkast te neuzen en te horen wat hij of zij leest.

Wel even een disclaimer vooraf, voor ik reacties krijg in de trant van “dit kan niet”: ik lees van nature ontzettend snel en aangezien ik lees voor de ontspanning doe ik ook niet mijn best om zorgvuldig te lezen. Ik laat me gewoon in het verhaal meeslepen en maak me geen zorgen om details of samenvattingen (één van de redenen waarom ik geen recensies schrijf).
Bovendien heb ik geen televisie en geen smartphone en gaat de computer eigenlijk altijd al voor het avondeten uit. Ik heb volwassen kinderen en ga vrij laat naar bed, dus ik heb vooral ‘s avonds heel wat uren om te lezen. In het weekend wil ik ook nog wel eens een paar uurtjes overdag gaan zitten met een boek, want ook dan probeer ik mijn computer uit te houden (lukt niet altijd).
Met andere woorden, ja, de lijst is lang en ja, ik heb ze echt allemaal gelezen.

Februari was een extra gekke maand op leesgebied. Ik las namelijk eind januari een bijzonder vreemd boek (Duister Ultimatum van Martin Langfield). Het pastte wel in het genre dat ik normaal het liefste lees, thrillers met raadselachtige documenten, zoektochten naar oude relikwieën en dat soort dingen, en het was superspannend, maar zoals ik al zei – ik vond het een beetje te vreemd (en dat wil wat zeggen gezien de boeken die ik normaal lees). Toen had ik even simpelweg geen zin meer in soortgelijke boeken.

Ik verdiepte me daarom eerst een weekje in mijn verzameling oude Libelles en (her)las aansluitend en bijpassend drie boeken van Maria Oomkens; Bidden in de theedoek, Het huis dat lachte en Baas, Marietje en de Wereldbol.

Toen kon ik er weer even tegen.
Echtgenoot was erg enthousiast over Het verborgen labyrint van Kate Mosse. Een behoorlijke pil maar inderdaad het lezen waard. Een verhaal waarin de Katharen en hun geheimen een rol spelen.
Daarna verdiepte ik me in De Gaudi sleutel van Esteban Martin & Andreu Carranza (inderdaad, over de architect Gaudi en zijn vermeende relatie met een geheim genootschap), gevolgd door De Christussmaragd van Jörg Kastner (een edelsteen waarin het ware gezicht van Jezus te zien zou zijn, met een wel heel onverwachte wending) en  Montezuma’s wraak van Lynn Sholes & Joe Moore. Van dat laatste duo heb ik al meer boeken gelezen. Die vallen echt in het genre onderhoudende onzin. De serie die ik eerder las had iets weg van de series Supernatural en Dominion (de mensheid in gevecht met al dan niet gevallen engelen), maar in dit verhaal zochten ze het in Maya legende’s en onsterfelijkheid.
Ik ging naar de bibliotheek en vond daar een trilogie van Nora Roberts die ik nog niet kende;  Meer dan liefde, Gesloten hart en Vergeet haar niet. Ook al niet erg realistisch, want dit is één van haar magische series, met erfheksen en kwade geesten. Wel altijd leuk om te lezen.

Vervolgens las ik Het masker van Atreus van A.J. Hartley, een boek dat een heel ander plot had dan je zou verwachten als je de titel en de kaft ziet. Geen magische toestanden, maar een relikwie en (neo-)Nazi’s die ergens naar zoeken (die komen vaak voor in dit genre).

Daarna verdiepte ik me in De Ark van Boyd Morrison, ook een aanrader, maar een behoorlijke pil. Niet over de Ark des Verbonds overigens, maar over de Ark van Noach, met een voor mij heel nieuwe, maar toch ook logisch uitgelegde theorie over de vindplaats. Vermengd met een fijne dosis fictie natuurlijk.

De dag erna was ik ziek en had ik zin in iets simpels. Ik had genoten van de Nora Roberts trilogie, dus pakte ik uit mijn eigen kast De complete magische Donovans deel 1 en deel 2. Altijd één van mijn favoriete series, al moet ik toegeven dat ik het na de boeken die ik de afgelopen tijd las we l erg slappe verhaaltjes vond. De hoofdpersonen blijven boeiend, dat wel, al weet ik nu weer wel waarom ik gestopt ben met romans lezen. Ik word altijd een beetje onzeker en kriebelig van al die prachtige, actieve, getalenteerde, jonge vrouwen in dat soort verhalen.

Ik liet dus de romannetjes maar weer links liggen en nam Het Darwin Mysterie van John Darnton van echtgenoot over. Dat vonden we allebei een erg goed boek. Drie verhalen ineen, maar geen moment te ingewikkeld of saai en hoewel de auteur een aantal dingen verzonnen heeft, geeft het een leuk beeld van wie Darwin nu eigenlijk was en wat hem dreef.
Nog net voor februari voorbij was, las ik toen nog Beeldenstorm van Bill Napier, waarin men aan de hand van een oud document op zoek gaat naar een stuk van het kruis van Jezus. Ook spannend en niet moeilijk te lezen.

Toen voelde ik me weer in staat om iets ingewikkelders te beet te pakken. Er lag nog een aardige kluif op me te wachten, een waargebeurd verhaal deze keer. Maar die las ik dus in maart dus dat horen jullie volgende maand.

Zo, dat was mijn leeslijst van februari. En jullie? Nog iets bijzonders gelezen?

~~~

O ja, nog een disclaimer: de links gaan bijna allemaal naar Hebban. Daar verdien ik niets mee, ik wilde gewoon zorgen dat jullie gemakkelijk meer informatie over de genoemde boeken konden vinden, zonder dat ik uitgebreide samenvattingen en beoordelingen moest gaan schrijven. Meningen die daar staan zijn dus niet per definitie de mijne.

Onder constructie

Geplaatst op 01/03/2016 door Geertrude Verweij

Ik zou mezelf nooit omschrijven als het type dat dol is op klussen en verbouwen.
Maar toch – dat drong pas geleden ineens tot me door – zijn we in dit huis al ruim tien jaar min of meer onafgebroken bezig. Toegegeven, ons tempo ligt erg laag, door werkdruk en gezondheidsproblemen, maar tien jaar is best lang. Maar daar heb ik geen problemen mee.

Dat is dan wel weer bijzonder, zeker als je bedenkt dat ik mezelf dus wél zou omschrijven als het type dat haar huis graag perfect in orde wil hebben. Ik kan erg genieten van woon- en organisatie blogs en keek vroeger alle woonprogramma’s op televisie.
En toch kan het me oprecht niet schelen dat ik al zo lang leef in een “work in progress”.

Er ontbreekt bij ons bijvoorbeeld altijd wel ergens een plafond en er ligt altijd wel een kamer overhoop omdat we bezig zijn muren te verwijderen, muren te plaatsen of een badkamer te creëren waar eerst een slaapkamer was die dan dan weer gebouwd is in een ruimte die ooit de garage was.
Nee, ik vind dat niet erg. Sterker nog, het begint langzaam tot me door te dringen dat ik het zelfs leuk vind. Als echtgenoot niet net zo gek was als ik en me altijd nét even voor is met een idee, dan zou een deel van de rommel toch echt mijn schuld zijn. We passen blijkbaar goed bij elkaar.

Terwijl ik dit schrijf, trillen de kopjes bijna de kast uit. Dat komt niet door echtgenoot, die zit (helaas op een zaterdag) braaf achter zijn computer te werken. Nee, dat komt doordat de buurman de vloer in de voorkamer aan het vervangen is. Niet de vloerbedekking, maar de complete vloer, inclusief balken en fundering. Want de buren zijn net als wij. Ook altijd wel ergens in huis aan het klussen. En ik denk dat de buurvrouw net is als ik, want ik weet dat zij ook van mooie dingen houdt, maar wij kijken er gewoon omheen. Genieten van de ruimtes die wel af zijn, van dat leuke kastje, die gezellige kaarsjes. Sterker nog: ik zie het niet eens meer bewust.

Ruim een jaar geleden stond er een felle oostenwind en die waaide recht onze slaapkamer binnen. Daar viel niet tegenop te stoken. Dus besloot echtgenoot spontaan een deel van de betimmering van de dakkapel te slopen en er betere isolatie tegenaan te nieten. Aangezien we toen allebei nog krom liepen van de Chikungunya had ik er op dat moment toch iets meer moeite mee dan ik normaal zou hebben. Dus verzuchtte ik tragisch (ik kan erg goed overdrijven op zo’n moment): “Maar we zijn zo ziek en onze slaapkamer is de enige plek in huis waar echt niets aan hoeft te gebeuren en nu ga je daar ook nog dingen overhoop halen…”

Echtgenoot zei niets. Hij trok alleen cynisch zijn wenkbrauwen op en wees me zwijgend op de onafgewerkte strook midden in de dakbetimmering waar ééns een muur had gezeten (maar die hadden we er twee jaar eerder al uitgeslagen), de vloer die gedeeltelijk nog bedekt is met de vloerbedekking die erin zat toen we het kochten (en geloof me, negen jaar is lang voor goedkope lichtgele vloerbedekking in kamers waar eerst kinderen met stiften, verf en klei rommelden en daarna volwassenen muren uitsloegen – ik wil niet eens uitleggen hoe dat tapijt eraan toe is) en gedeeltelijk met gehavend (want zie boven) goedkoop laminaat.
En dan liet hij de in twee kleuren geverfde muren, het gescheurde behang en het verfwerk dat na negen jaar wel aan een nieuw laagje toe was nog buiten beschouwing.
Toen zijn we dus samen in lachen uitgebarsten en daarna ben ik hem maar gaan helpen met breken.

Vroeger riep ik wel eens: “Ooit, ooit, wil ik een huis dat áf is!” Want ook ons allereerste huisje was in constante staat van verbouwing. Maar nu weet ik dat het ‘m daar niet in zit. Voor we dit oude huisje kochten hadden we een modern jaren ’80 huis dat inderdaad gewoon af was. Er hoefde eigenlijk niets te gebeuren. Alles was wit en strak en in orde. Maar ik voelde me er niet thuis.
Ik was zo blij toen we dit huis vonden en besloten ervoor te gaan, ondanks alle gebreken (ook wij hebben de complete vloer in de voorkamer moeten vervangen, twee keer zelfs).

Dit huis is waar ik thuis ben. Laat mij maar lekker om die verbouwingen heen proberen de boel een beetje netjes te krijgen. Blijkbaar ben ik toch het type mens dat dat leuk vindt…

  • Previous
  • 1
  • …
  • 15
  • 16
  • 17
  • 18
  • 19
  • 20
  • 21
  • …
  • 46
  • Next

Welkom!

Ik ben Geertrude, echtgenote van 1, (schoon)moeder van 5 en oma van 2.
Ik ben boekhouder, redacteur en schrijfster van beroep en hou van lezen, fotograferen, breien, naaien, tuinieren, kruidengeneeskunde en nog veel meer.
Hier schrijf ik over alles wat me bezighoudt en soms ook over mijn pogingen eens wat rustiger aan te doen.
Meer over mij vind je hier.

Archief

© 2026 Geertrude blogt | Aangedreven door Minimalist Blog WordPress thema