Geertrude blogt

Menu
  • Contact
  • Over mij
  • Privacy
Menu

Categorie: persoonlijk

Op Bali

Geplaatst op 23/05/2012 door Geertrude Verweij

We zijn nu ongeveer halverwege onze vakantie op Bali en tot onze eigen verbazing lukt het ons prima om bijzonder weinig te doen. Onze dagen zijn “gevuld” met zwemmen, bij het zwembad liggen, aan het strand liggen, en door de hoofdstraat van Sanur wandelen om ergens een hapje te eten.
Ik was van plan hier af en toe een verslagje te schrijven, maar ik had tot nu toe niet veel te melden. Maar gelukkig hebben we ons eergisteren in een avontuur gestort (nou ja…), waar nog wel iets over te vertellen valt.

We zijn namelijk op eigen houtje naar Denpasar gegaan. Dat is de hoofdstad van Bali. Het ligt heel dicht bij Sanur, waar wij zitten, het is er zelfs min of meer aan vastgegroeid. De reisgids zei dat de meeste toeristen Denpasar links laten liggen. We weten nu waarom.
Het begon al met een taxichauffeur die het museum niet wist te vinden. Kaartlezen (we hadden een reisgids bij ons) kon hij ook niet, hij moest iemand bellen voor instructies. Toen we daar eindelijk waren, liepen we langsde staatstempel. We wilden daar eigenlijk alleen vluchtig een blik op werpen, maar werden aangesproken door iemand die zich voordeed als gids en niet meer weg te slaan was. We zijn er aardig ingelopen. Ik wist dat we een sarong moesten huren om naar binnen te mogen en dat je daar ongeveer 2000 tot 5000 roepia aan kwijt bent. Dat is 20 tot 50 cent, dus geen probleem. Maar toen we, met die doeken om, binnen waren, vroeg hij 20 dollar om ons rond te leiden. Hij was niet weg te krijgen. Uiteindelijk wilden we weggaan, maar toen bond hij in en wilde hij het voor 10 dollar wel doen. Dat was nog veel te veel gevraagd, want hij ratelde in onverstaanbaar Engels en echt bijzonder was die tempel niet. Ik heb er twee foto’s van geplaatst. Kun je je voorstellen dat dat ding pas 60 jaar oud is? Ze moesten zich schamen dat ze het zo slecht onderhouden! Er zat ook nog een mannetje met tekeningen van onder andere de Balinese kalender. Eerst deden hij en de gids net alsof ze alleen maar uitleg wilden geven, maar het was (natuurlijk) de bedoeling dat we die dingen kochten. Gelukkig had ik de prijs al op de achterkant zien staan toen hij ze verschoof. De goedkoopste was 750.000 roepia en hoewel al die nullen heel verwarrend zijn, blijft 75 euro (eigenlijk iets minder, maar we rekenen gewoon met vier nullen minder om de transactiekosten te dekken) een belachelijke hoeveelheid geld voor een stukje papier dat waarschijnlijk gewoon geprint was…
Toen we eindelijk de tempel ontvlucht waren (nadat we erachter kwamen dat hij niet daadwerkelijk 10 dollar bedoelde, maar liever roepia’s had – zeg dat dan!), hadden we geen zin meer in het museum. Gelukkig maar, want hoewel de reisgids niet waarschuwde voor de gidsen bij de tempel, stond er wel een dergelijke waarschuwing in voorgidsen bij het museum.
Dus liepen we door in de richting waar we volgens de reisgids markten konden vinden, maar daar zijn we (zagen we achteraf) omheen gelopen.
Door de hitte (het was midden op de dag), de luchtvervuiling en gebrek aan water kreeg ik het benauwd, dus toen hebben we een bemo genomen naar een modern warenhuis waar we op de heenweg langsgekomen waren. We wisten dat we daar in ieder geval veilig konden eten. Een bemo is een klein busje met lage bankjes dat voor openbaar vervoer doorgaat. Ze rijden door de straten en je kunt erin stappen en dan kost het 2500 tot 5000 roepia om bij een andere halte weer uit te stappen.
Het kostte ons 10.000 roepia om het kleine stukje naar het warenhuis te rijden, dus we zijn een beetje afgezet, maar we waren allang blij dat we niet meer door die stikhete en benauwde straten hoefden te sjouwen. We zaten met ons erbij met zes mensen in dat busje en dat ging net. Later las ik dat men er vanuit gaat dat 14 mensen het maximum is…
Bij het warenhuis aten we iets (bij de Balinese versie van Kentucky Fried Chicken) en ik dronk een liter water. Toen voelden we ons weer een beetje mens, maar zin om de stad te bekijken hadden we niet meer. Het viel niet mee om een betrouwbare taxi te vinden (alleen de Bluebirdgroep is betrouwbaar, met de rest moet je uitkijken), maar er stopte een bemo’tje dat ons wel naar Sanur wilde brengen. We verstonden dat hij 25.000 roepia voor ons allebei vroeg, de taxi kwam op ongeveer 40.000 naar de binnenstad, dus dat vonden we redelijk. Bij het hotel bleek dat hij 75.000 bedoelde. Uiteindelijk nam hij genoegen met 50.000. Het stomme is dat je je pas later realiseert dat je hebt staan kibbelen over een paar euro. Het klinkt allemaal als veel meer…

Toch was het geen vervelende dag. Tenslotte was dit wel een avontuur en dat heb je tussen het uitrusten door toch ook nodig.
Bovendien hadden we in dat warenhuis eindelijk waterschoenen gevonden. Of iets dat we daar voor konden gebruiken, in ieder geval. Een soort crocs met een hielbandje. Die hadden we nodig voor een ander avontuur waar we het al een paar dagen over hadden.

De zee bij Sanur is heel rustig, omdat de branding bijna een kilometer (onze schatting) verderop is. Daar ligt een rif dat de golven tegenhoudt. Eigenlijk ligt het strand dus aan een lagune. We hebben al een paar keer vissers rond zien lopen op dat rif en we hadden er eentje in de gaten gehouden die naar het strand liep en die kwam niet verder dan tot zijn middel in het water. Dat wilden wij dus ook een keer proberen. Maar niet op blote voeten, want er wordt gewaarschuwd voor afgebroken koraal en voor zee-egels.
Met schoenen aan ging het goed. Het was echt ontzettend mooi. Het water was zo helder dat je regelrecht naar de bodem kon kijken. We zagen zeesterren, koralen en ook die zee-egels. Die hebben inderdaad rottige stekels, maar ze zijn ook heel mooi. Ze waren pikzwart en hadden een soort lichtgevende blauwe en gele vlekken. Het was een flinke wandeling, maar we hebben het rif bereikt (we zijn zoveel mogelijk over de zanderige plekken gelopen om geen koraal te beschadigen). Een heel aparte ervaring is dat, je ziet heel in de verte het strand, maar je staat (eindelijk) vlak bij de branding. Ik heb er geen foto’s van, omdat ik niet zeker wist of ik het zou redden zonder mijn camera nat te maken, maar we zijn van plan om het nog eens te doen. Snorkelen hebben we vorig jaar geprobeerd, dat lukte niet echt, maar op deze manier zie je toch ook een hoop van het onderwaterleven hier.
Er is trouwens wel een mogelijkheid om met een kleine onderzeeer langs een ander rif op 30 meter diepte te varen. Daar denken we nog over, het lijkt ons geweldig, maar het kost behoorlijk wat.
Als afsluiting van die drukke dag hebben we iets gegeten bij een restaurantje waar we regelmatig gaan lunchen. De pizza was heerlijk, maar helaas stond de televisie aan, wat hier gewoon, maar vrij irritant is. We zijn dus vrij vroeg weer weg gegaan. Onderweg naar huis zijn we nog even aan de bar van ons favoriete restaurant gaan zitten (een Ierse pub, waar iedere avond live-muziek is, heel gezellig), maar we hadden allebei spierpijn van het lopen en dan zit zo’n kruk niet lekker.
Dus zijn we terug gegaan naar het hotel en hebben we het laatste uurtje van de dag doorgebracht waar we die ook vaak beginnen (na het ontbijt dan): in de ligstoelen aan het strand. In het pikkedonker inderdaad. Dat doen we vaker. Het geluid van de zee op de achtergrond en dan naar de sterren kijken. Heerlijk!

Familiegeheimen

Geplaatst op 05/05/2012 door Geertrude Verweij
Er was een kleine vertraging, maar vanaf nu is Familiegeheimen overal te koop (of te bestellen)!

 Antoinette Nieuwkoop is een eigen cateringbedrijfje begonnen. Haar eerste grote opdracht is meteen een heel speciale; ze moet tien dagen lang de maaltijden verzorgen in een landhuis in Frankrijk. Emily Richardsen, de excentrieke eigenaresse van het huis, heeft haar kinderen en kleinkinderen uitgenodigd om daar met haar de feestdagen door te brengen.
Al snel blijkt dat er meer van Antoinette verwacht wordt dan alleen koken. Heel wat familieleden vinden de weg naar haar keuken om hun hart bij haar uit te storten en ook Emily wil regelmatig met haar praten. Bovendien blijken de financiële zaken van Emily behartigd te worden door Antoinettes ex-man Ronald en loopt er een privédetective in het landhuis rond die onderzoek doet naar een aantal leden van de familie.
Dan komt er een abrupt einde aan Antoinettes verblijf in Frankrijk als Emily sterft. De vraag is alleen wie er schuldig is aan haar dood. Was het toeval? Werd het veroorzaakt door de spanningen in de familie? Of heeft iemand haar een handje geholpen?
Het eerste hoofdstuk alvast lezen?  download pdf
Bestellen: bij iedere reguliere boekhandel of bij bol.com (link gaat direct naar juiste pagina) en andere online boekwinkels.

Ideaal

Geplaatst op 02/05/2012 door Geertrude Verweij
Ik werk vanuit huis. Sterker nog, ik werk vanaf de bank. Laptop op schoot, benen op tafel en schrijven maar. Af en toe sta ik op om een was te draaien of een lapje ergens overheen te halen. Kan ik ondertussen mooi even nadenken, net als tijdens het eten koken. En als de dochters thuis komen, kunnen ze heerlijk hun verhaal bij me kwijt, want ik ben er. Mijn schrijfwerk combineer ik op die manier perfect met het gezin en het huishouden.
Dat lijkt een ideale situatie. En dat was het ook. Maar de laatste tijd werkt het niet echt meer.
Ik zit met een paar deadlines die steeds dichterbij komen. Ik geef toe, die zijn grotendeels door mijzelf bepaald, maar dat neemt niet weg dat ik ze wil halen. Als ik mezelf niet eens serieus neem als schrijfster, wie doet dat dan wel?
Met drie thuiswonende, volwassen dochters is het hier in huis een voortdurend komen en gaan van mensen is, die allemaal iets te vertellen hebben als ze thuiskomen. Verder zijn er natuurlijk de was, de tuin en de rest van het huishouden. Ik zie uit mijn ooghoeken het onkruid groeien en de stofnesten ook. Dat werkt niet lekker, zeker als er ook nog een tirannieke kat regelmatig luidruchtig laat weten dat hij naar buiten, naar binnen, naar buiten, naar binnen, een schone bak en ook nog eten wil.
Ik ben al een paar dagen, of eigenlijk zelfs al ruim een week, behoorlijk aan het stressen. Dat verhaal moet af. En die synopsissen met nieuwe ideeën ook. Ik heb nog tien dagen, maar ik kan me steeds minder goed concentreren. Er wordt bijzonder weinig geschreven en de rest van het werk blijft ook liggen omdat ik de hele dag wanhopig naar mijn scherm zit te staren. Van gezellig met de dochters kletsen is op die manier ook geen sprake, want die komen natuurlijk altijd net op het verkeerde moment thuis. De kat en ik schreeuwen om het hardst en koken is iets dat na een lange stressvolle dag ‘ook nog moet’.
Ik houd mezelf voor dat dit meest ideale manier van werken is. Dit is wat ik altijd gewild heb. Het moet gewoon lukken. Maar het lukt dus niet.
Gisterenochtend. Een chaos. Doet er niet toe waarom, maar ik kan het er niet bij hebben. Weer een halve dag naar de knoppen. Met driehonderd woorden in een ochtend haal ik mijn deadlines niet. Ik weet wat ik wil schrijven, maar het lukt gewoon niet. Het verhaal is doods en ik moet de woorden er echt uitwringen.
Dus besluit echtgenoot mij en mijn laptop in de auto te zetten en mee te nemen naar zijn kantoor. Ik ga in een comfortabele bureaustoel zitten en begin te typen. Het verhaal begint te leven en de woorden vliegen uit mijn vingers (die genieten van de ruimte van een normaal toetsenbord). Op mijn beeldscherm (waarop twee A4-tje tegelijkertijd te zien zijn!) zie ik mijn manuscript groeien. In een middagje schrijf ik een paar duizend woorden, waarmee ik mijn doel voor de dag ruimschoots haal.
Als ik thuiskom, stop ik snel een was in de machine, ruim de ergste rommel op, haal een bezem over de vloer en een lapje over de keuken, kook toch nog een gezonde maaltijd en klets even gezellig bij met de dochters.
Schrijven zonder me schuldig te voelen over mijn gebrek aan aandacht voor gezin en huishouden en daarna even alleen maar huisvrouw en moeder zijn zonder dat ik loop te piekeren over naderende deadlines.
Een ideale situatie.
Soms moet je een ideaal (tijdelijk?) loslaten om een betere oplossing te vinden.

Bij de post

Geplaatst op 25/04/2012 door Geertrude Verweij

Het blijft een geweldig gevoel. Al dat werk, al die woorden, tastbaar, gedrukt. In mijn handen.

Meeleven

Geplaatst op 23/04/2012 door Geertrude Verweij
Een van de lastigste dingen van het ‘auteurschap’ (raar woord) vind ik het lange-termijn-werk. Ik ben daar niet zo van. Ik vind bloggen niet voor niets zo leuk. Dat is heerlijk korte-termijn. Je gooit je stukje online en poef! het wordt gelezen en als je geluk hebt wordt er zelfs direct op gereageerd. Heerlijk.
Bij boeken werkt dat echter heel anders. Tegen de tijd dat een manuscript daadwerkelijk gedrukt is en in de winkel ligt, ben ik allang met iets anders bezig.
Natuurlijk hoort dat er gewoon bij, en dat weet ik ook wel, maar ik vind het toch jammer. Ik leef namelijk altijd ontzettend mee met mijn hoofdpersonen en ik zou dat zo graag met jullie delen. De afgelopen twee maanden kroop ik in de huid van Donna. Zij is fotografe en Floris is…
Ho, wacht. Dat bedoel ik dus. Jullie kunnen haar verhaal op zijn vroegst pas over een jaar lezen. Dus is het alleen maar verwarrend als ik nu te veel over haar vertel. Ook Karlijn, de lieverd, moet nog even wachten. Haar verhaal komt in het najaar pas uit. Dat schiet allemaal niet op.
De hoofdpersoon uit Familiegeheimen is Antoinette. En ik heb echt enorm met haar meegeleefd toen ik het schreef. In 2008. Tja…
Dat verhaal is dus even op de plank blijven liggen. Ik heb sinds het af was meegeleefd met zeker 6 andere hoofdpersonen. Antoinette is dus enigszins op de achtergrond geraakt. Het verhaal zelf ben ik niet vergeten, dat zou niet kunnen na een paar intensieve redactiesessies. Maar het gevoel dat ik er destijds bij had is een beetje zoek. En dat terwijl jullie natuurlijk allemaal heel nieuwsgierig naar haar zijn.
Of niet natuurlijk. Maar dan zou het wel leuk zijn als ik jullie nieuwsgierig kon maken.
Eens denken. Wat zou ik over haar getwitterd hebben tijdens het schrijven? Niet dat twitter toen al bestond. Of wel? Nou ja, dat doet er niet toe, ik twitterde in ieder geval nog niet. Maar het had gekund. Weet je wat? Ik stel me gewoon even voor dat ik nog bezig ben met het schrijven van Familiegeheimen. Ik ben tenslotte schrijfster. Fantasie heb ik zat.
# Ik wou dat ik het recept van Antoinettes koekjes had. Zelfs Ronald vind ze lekker en dat wil wat zeggen..
# Ik vind Vincent erg leuk! Maar Ronald heeft ook wel wat. Voor wie zal ik Antoinette laten kiezen?
# En nu is Emily echt dood. Ik heb alleen nog geen idee hoe, waarom of wie. Of was het toch een natuurlijke oorzaak?
# Eerst liep Vincent kwaad weg en nu Ronald ook.  Arme Antoinette.
# Er gaat iets helemaal mis in het landhuis. Is dat Antoinettes schuld?
# Grote twijfel, zelfs bij mij, terwijl ik het zelf verzin. Wie van die mannen kan Antoinette vertrouwen?
# Totaal onverwachte ontknoping. Ook voor mij, ja.  En ze leefde nog lang en gelukkig. De vraag is alleen met wie.
Dat hielp. Ik weet het weer. Ik voel het weer. En jullie? Nieuwsgierig? Goed zo!
Het eerste hoofstuk is overigens hier te downloaden. En op Dizzie.nl wordt een exemplaar verloot.

Boektrailer Familiegeheimen

Geplaatst op 10/04/2012 door Geertrude Verweij

Namen

Geplaatst op 08/09/2011 door Geertrude Verweij

Mijn favoriete schrijversblog is dat van Maisey Yates. Ik heb haar boeken nog nooit gelezen (moet er toch eens een paar bestellen), maar ik vind de manier waarop ze blogt over schrijven heel inspirerend en herkenbaar. Haar “doubt crows” plagen mij ook en haar eerlijkheid over revisies, spanning (als ze een manuscript heeft ingeleverd) en blijdschap (als het wordt uitgegeven) vind ik erg leuk om te lezen.
Nu vraag ik me af of mijn lezers ook iets meer zouden willen weten over waar ik mee bezig ben. Waarschijnlijk wel. Dus ga ik dat eens proberen, al vind ik het wel griezelig, want daarmee geef ik een hoop van mezelf bloot.
Maisey noemt de manuscripten waar ze mee bezig is naar de mannelijke hoofdpersoon. Haar nieuwste heet “The Coffee Magnate” en die daarvoor “The Aussie”. Dat werkt voor haar. Zij schrijft het soort boeken waarin de alfa man een belangrijke rol speelt.
In mijn boeken is dat toch anders. Daar is de vrouwelijke hoofdpersoon belangrijker. In de schrijfmap op mijn computer staan de manuscripten dan ook opgeslagen onder de naam van de vrouwelijke hoofdpersoon. Voor mij is dat het handigst.
Behalve dan als de hoofdpersoon van naam verandert. Dat overkomt me ook regelmatig. Tamara uit Huis vol Verleden heette eerst Liza. Ik wist al vrij snel dat die naam niet bij haar paste, maar schreef stug door. Dat doe ik nooit meer. Want nu heb ik nog steeds moeite met die nieuwe naam. En het is nog erger, want Hugo heette eerst Arthur, maar dat vond ik niet goed klinken bij Tamara. Daarom heb ik zijn naam ook veranderd.
Tegenwoordig pas ik namen gewoon meteen aan als ik besluit dat het anders moet. Ik ben bijvoorbeeld bezig met een roman over een vrouw die eerst Roos heette. Maar dat bleek toch niet haar naam te zijn. En ik had het dochtertje van Renske uit Dilemma ook al Roos genoemd. Dus heet deze vrouw nu Karlijn. Past beter bij haar. Ik sloeg het manuscript op onder de nieuwe naam, had een paar weken geen tijd om te schrijven en was het toen kwijt. Want ik was vergeten dat het een nieuwe naam had. Het systeem is nog niet helemaal waterdicht. 😉
Karlijn staat nu even in de wacht. Ik vind haar verhaal boeiend, maar ben niet zeker van de aankleding. Ik heb haar namelijk op reis gestuurd en maak gebruik van mijn eigen reis naar Zuid Afrika om haar belevenissen te beschrijven, maar ik weet niet of ik het handig is om anekdotes uit mijn eigen leven te verwerken in mijn fictie. Het voelt niet helemaal goed.
Even laten rusten dus. En als het over een paar maanden nog steeds niet goed voelt een andere manier verzinnen om Karlijn en haar ex-man een paar weken verplicht met elkaar te laten optrekken.
Op dit moment ben ik bezig met het verhaal van Donna. Die naam past perfect bij de hoofdpersoon. Vind ik in ieder geval. Donna is fotografe, gedreven, artistiek en vrijgevochten.
Haar verhaal is goed, maar mijn uitwerking klopte niet. Na veel piekeren ben ik opnieuw begonnen, in een totaal andere setting. Het landgoed en de baron veranderden in een boerderij en een boer. En zijn zus heet nu Femke in plaats van Elaine, maar gelukkig was zij niet de hoofdpersoon, dus kan het manuscript dezelfde naam houden.
Eigenlijk is dit verhaal trouwens nog veel te pril om er iets over te zeggen. Vergeet het bovenstaande dus maar snel, want er staan er eerst nog een paar andere dames op de lijst:
* Gooisch meisje Odette (die eerst Margriet heette, maar dat terzijde) beleeft avonturen op een boerderij
* Hoe het verder gaat met Renske, het zusje van Sofie uit Incognito, is vanaf november te lezen in Dilemma (een voorproefje is al te downloaden).
* En mijn uitgever leest deze maand het verhaal van Antoinette. Dat schreef ik al in 2008, na Huis vol Verleden, maar omdat het een iets ander genre is (Relax+) heeft het even in de wacht gelegen. Ik ben erg benieuwd of zij de volgende is met wie jullie kennis mogen maken…

Eigen boeken

Geplaatst op 18/05/2011 door Geertrude Verweij

Een paar weken geleden stelde iemand me een originele vraag: “Lees jij je eigen boeken?”
Daar moest ik even over nadenken. Ik zeg altijd dat ik het soort boeken schrijf dat ik zelf graag lees, maar om eerlijk te zijn heb ik de gedrukte versie van mijn twee eerste romans nog niet gelezen. Ik  kan er gewoon geen zin in krijgen. Dat klinkt dom, maar toch is het waar. En ik weet ook hoe het komt. Het heeft te maken met het proces dat aan het daadwerkelijk drukken van een boek vooraf gaat.
Het schrijven van de ruwe versie van een verhaal is leuk. Omdat ik zelf zelden van tevoren weet waar het verhaal precies naar toe gaat, is het allemaal enorm boeiend.
De tweede ronde is ook nog wel leuk. Lezen, verbeteren, een paar dingetjes herschrijven. Dat is het moment waarop ik denk dat anderen het misschien ook wel leuk vinden om te lezen.
Maar dan…  Voor ik het naar de uitgever stuur, wil ik er zeker van zijn dat er niet te veel spel-, stijl- en consequentiefouten in staan. Dus gaat het naar mijn proeflezers. Ik heb er drie. Eén boekenwurm die vooral het verhaal leest en daar af en toe een opmerking over heeft; één die licht dyslectisch is, maar wel van lezen houdt en dus beoordeelt of het “lekker weg leest”; en één die Nederlands studeert en het een sport vindt mijn manuscript zo foutloos mogelijk de deur uit te laten gaan. Toevallig zijn deze proeflezers mijn volwassen dochters, dus het blijft  in de familie. Denk niet dat ze daarom te mild voor me zijn, ik word genadeloos afgerekend op domme fouten en heb voor mijn nog te verschijnen roman ‘Dilemma’ het eind moeten herschrijven omdat ze dat niet goed genoeg vonden.
Als ik hun opmerkingen verwerkt heb, gaat het manuscript heen en weer tussen de uitgever, de redactrice, de vormgever en mij, voor het uiteindelijk naar de drukker gaat. We corrigeren spelfoutjes, pakken stijlfouten aan en denken na over zinnen die anders, duidelijker of beter kunnen.
Op dat punt, als ik er dus zo’n zes, zeven, soms wel acht, negen of tien keer met de stofkam doorheen ben geweest, is het verhaal voor mij echt niet boeiend meer. Ik zie alleen nog maar woorden, letters en leestekens. Dat is het moment waarop ik het los moet laten, want anders corrigeer ik de ziel uit zo’n verhaal.
Het is nu ruim twee jaar geleden dat ‘Huis vol Verleden’ uitkwam en ‘Incognito’ staat er ook al een half jaar. Soms, als ik op zoek ben naar iets te lezen, kijk ik ernaar. Zal ik? Ik weet immers dat het leuke boeken zijn, verhalen die ik graag lees. Maar ik ben bang dat ik direct die stofkam weer beetpak en dat ik, ondanks enthousiaste reacties van mijn lezers, mijn eigen boeken niet leuk zal vinden.
Tot nu toe is het antwoord op de vraag of ik mijn eigen boeken lees dus “nee”. Misschien over een jaar of vijf?

(geschreven voor het schrijversblog van uitgeverij Ellessy)

Schrijfwerk

Geplaatst op 16/02/2011 door Geertrude Verweij

20110216 (Large)

 

heel druk bezig…

Redigeren

Geplaatst op 18/01/2011 door Geertrude Verweij

20110118 (Large)

Bezig met de afwerking van “Dilemma”

  • Previous
  • 1
  • …
  • 28
  • 29
  • 30
  • 31
  • 32
  • 33
  • 34
  • …
  • 46
  • Next

Welkom!

Ik ben Geertrude, echtgenote van 1, (schoon)moeder van 5 en oma van 2.
Ik ben boekhouder, redacteur en schrijfster van beroep en hou van lezen, fotograferen, breien, naaien, tuinieren, kruidengeneeskunde en nog veel meer.
Hier schrijf ik over alles wat me bezighoudt en soms ook over mijn pogingen eens wat rustiger aan te doen.
Meer over mij vind je hier.

Archief

© 2026 Geertrude blogt | Aangedreven door Minimalist Blog WordPress thema